Wijzigingen Officiële bron
BEKENDMAKING TEKST VAN STATUTEN EN PENSIOENREGLEMENT VAN DE STICHTING: NOTARIEEL PENSIOENFONDSBEKENDMAKING TEKST VAN STATUTEN EN PENSIOENREGLEMENT VAN DE STICHTING: NOTARIEEL PENSIOENFONDSDe Minister van Justitie,

Gelet op artikel 4 van de Wet tot invoering van een leeftijdsgrens voor het notarisambt en oprichting van een notarieel pensioenfonds (Stb. 1954, 407),

Besluit:

's-Gravenhage20 mei 1955De Minister voornoemd,L.A.Donker

Bekend te maken de tekst van:

De stichting ter uitvoering van artikel 4 van de Wet tot invoering van een leeftijdsgrens voor het notarisambt en oprichting van een notarieel pensioenfonds draagt de naam: Notarieel Pensioenfonds, en is gevestigd te 's-Gravenhage.

De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd.

De stichting heeft ten doel aan notarissen en candidaat-notarissen, bedoeld in artikel 1 van de Wet tot invoering van een leeftijdsgrens voor het notarisambt en oprichting van een notarieel pensioenfonds, aan hun weduwen en wezen en aan de vrouwen en kinderen van vermiste notarissen en candidaat-notarissen pensioen te verlenen volgens regelen, door het bestuur van het fonds bij reglement vastgesteld.

De stichting is bevoegd haar doel te bereiken:

Het vermogen der stichting wordt gevormd door:

Behoudens het bepaalde in artikel 6, eindigen het lidmaatschap en plaatsvervangend lidmaatschap van het bestuur:

In het laatste geval eindigt het lidmaatschap daags nadat zijn opvolger heeft verklaard zijn betrekking te aanvaarden.

Wanneer een vacature onder de leden of de plaatsvervangende leden ontstaat, wordt daarin door het hoofdbestuur, dat degene, wiens lidmaatschap is geëindigd, benoemd heeft, uit de groep, waarin de vacature is ontstaan, een lid, onderscheidenlijk een plaatsvervangend lid, in het bestuur benoemd.

De voorzitter en de secretaris zijn te zamen belast met de uitvoering van de besluiten van het bestuur. Zij vertegenwoordigen de stichting in en buiten rechte. De schriftelijke verklaring van de voorzitter en de secretaris, dat het bestuur een besluit heeft genomen, treedt ten aanzien van derden in de plaats van het besluit zelf.

Elke bestuurder is tegenover de stichting gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Het bestuur van het fonds is, voor zover betreft de overeenkomstig artikel 18 aan de Verzekeringskamer overgelegde stukken, gedechargeerd, wanneer de kamer ten aanzien van deze stukken heeft verklaard geen bezwaar te hebben.

Het bestuur kan een directie der stichting benoemen, welke bevoegd is volgens de regelen, door het bestuur te stellen, de inwendige leiding van de zaken der stichting te voeren en haar naar buiten te vertegenwoordigen. De directie bestaat uit één of meer leden. Het bestuur is bevoegd de leden te ontslaan en te schorsen.

Het is de leden van het bestuur, van de commissie, bedoeld in artikel 13, en van de directie en alle personen, die in dienst der stichting zijn, verboden hetgeen zij als zodanig te weten zijn gekomen verder bekend te maken dan voor de uitoefening van hun functie gevorderd wordt.

Bij de belegging van het vermogen der stichting wordt het bestuur geadviseerd door een commissie van beleggingsdeskundigen. Deze commissie bestaat uit drie leden, die worden benoemd en ontslagen, één door het hoofdbestuur van de Broederschap der Notarissen in Nederland, één door het hoofdbestuur van de Broederschap der Candidaat-Notarissen en één door het bestuur van de stichting.

Het boekjaar der stichting valt samen met het kalenderjaar. Het eerste boekjaar loopt van de dag harer oprichting tot en met 31 December 1955.

In alle gevallen, waarin niet door deze stichtingsbrief of de reglementen der stichting is voorzien, beslist het bestuur.

Recht op invaliditeitspensioen heeft een gewezen deelnemer, die ten minste 5 dienstjaren heeft vervuld en bij het einde van zijn deelnemerschap de 70-jarige leeftijd nog niet heeft bereikt, zolang zijn invaliditeit duurt, mits hij:

Voor de toepassing van de twee voorgaande artikelen worden de weduwe en de wezen van een nog niet gepensionneerde gewezen deelnemer, wiens deelnemerschap overeenkomstig artikel 2, lid 2, sub a of b, of lid 4, was geëindigd en die binnen zes maanden daarna is overleden, aangemerkt als de weduwe en de wezen van een deelnemer.

16

Het bestuur geeft een schriftelijke en met redenen omklede beslissing op een verzoek tot toekenning van pensioen.

Pensioentermijnen, die niet binnen 5 jaren na de eerste dag, waarop zij konden worden geïnd, zijn ingevorderd, vervallen ten behoeve van het fonds.

Een notaris-deelnemer is aan het fonds verschuldigd 13½% van de in enig kalenderjaar uit zijn beroep van notaris genoten beroepswinst. Het fondsbestuur is bevoegd in de loop van een kalenderjaar als voorheffing, op door het bestuur te bepalen tijd en wijze, betaling van een naar redelijkheid vast te stellen bedrag van de deelnemers te vorderen.

Een candidaat-notaris-deelnemer is aan het fonds schuldig 8% van het in enig kalenderjaar uit zijn beroep van candidaat-notaris genoten inkomen.

Een gewezen deelnemer, die wederom deelnemer wordt, heeft het recht voor pensioen in te kopen de tijd, welke is verstreken na het einde van zijn laatste deelnemerschap, tegen een door het bestuur naar redelijkheid te bepalen inkoopsom. Deze inkoopsom kan worden betaald in door het bestuur vast te stellen termijnen.

In alle gevallen, waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.