Ministeriële regeling · BWBR0002231

Beschikking voorschriften inzake liften

Wijzigingen Officiële bron
Beschikking voorschriften inzake liftenBeschikking voorschriften inzake liftenDe Staatssecretaris van Sociale Zaken,

Gelet op de artikelen 4, vijfde lid, 5, eerste en vierde lid, 11, tweede lid, 12, eerste lid, en 19 van de Wet op de gevaarlijke werktuigen en de artikelen 18, eerste en derde lid, en 22 van het Liftenbesluit I,

Besluit:

's-Gravenhage23 augustus 1956 De Staatssecretaris voornoemd, A.A. van Rhijn

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.lift en wet:

hetgeen daaronder wordt verstaan in het Liftenbesluit I;

b.keuringsinstelling:

een ingevolge artikel 5, eerste lid, van de wet aangewezen instelling of onderzoekingsbureau.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Verzegeling van een lift vindt plaats door het aanbrengen van één of meer zegels op zodanige wijze, dat zonder verbreking, opheffing of beschadiging van die zegels de lift niet kan worden gebruikt.

Een liftboek, als bedoeld in artikel 22 van het Liftenbesluit I, dient overeen te komen met het bij deze regeling als bijlage II gevoegde model.

De vergoeding voor het uitvoeren van werkzaamheden met betrekking tot liften door de keuringsinstantie bedraagt ten hoogste € 160 exclusief B.T.W. per uur, daarbij de reis-, verblijfkosten of andere met de keuring verband houdende kosten niet inbegrepen.

Deze regeling treedt in werking op 1 oktober 1956.

Uittreksel gebruiksvoorschriften Liftenbesluit I

Hij die een lift voorhanden heeft, die in gebruik of voor gebruik gereed is, is verplicht te zorgen, dat deze in goede staat van onderhoud verkeert en dat deze na onderhoud, wijziging of reparatie tenminste voldoet aan de voor die lift geldende vervaardigingsvoorschriften.

Hij, die een lift bedient, bestuurt of belaadt, is verplicht te zorgen, dat:

Hij, die een lift voorhanden heeft, welke is voorzien van een merk van afkeuring, is verplicht te zorgen, dat: