Regeling · BWBR0002637

Besluit liberalisatie huurbeleid III

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 28 oktober 1968, tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 28a, eerste lid, onder a, van de HuurwetBesluit liberalisatie huurbeleid IIIWij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 11 oktober 1968, no. 1001937, afdeling Juridische Zaken;

Overwegende, dat het gelet op de situatie op de woningmarkt in de provincies Groningen, Friesland, Drenthe, Noord-Brabant en Limburg wenselijk is in deze gewesten gemeenten aan te wijzen, waarin een aantal bepalingen van de Huurwet niet van toepassing is;

Gelet op artikel 28a van de Huurwet;

Gezien de adviezen van Gedeputeerde Staten van Groningen, Friesland, Drenthe, Noord-Brabant en Limburg;

De raden der betrokken gemeenten gehoord;

De Raad van State gehoord, advies van 16 oktober 1968, no. 46;

Gezien het nader rapport van Onze voornoemde Minister van 25 oktober 1968, no. 1022928, afdeling Juridische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Onze Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening is belast met de uitvoering van dit besluit, dat in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

Soestdijk28 oktober 1968JULIANA.De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,W. F. SCHUT.de eenendertigste oktober 1968.De Minister van Justitie,C. H. F. POLAK.

Het bepaalde in Hoofdstuk II, de artikelen 11 en 12 en de Hoofdstukken IV-VI, met uitzondering van de artikelen 26a, 27, eerste en tweede lid, en 28 van de Huurwet is niet van toepassing in de volgende gemeenten:

Dit besluit kan worden aangehaald als Besluit liberalisatie huurbeleid III. Het treedt in werking met ingang van 1 januari 1969.