Regeling · BWBR0002744
Besluit wettelijke rente
Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 27 november 1970, Stafafdeling Wetgeving Privaatrecht, nr. 549/670,
mede namens Onze Minister van Financiën;
Gelet op de artikelen 1286 en 1804 van het Burgerlijk Wetboek en artikel V van de Wet Wijziging der artikelen 1286 en 1804 van het Burgerlijk Wetboek (Stb. 1970, 458);
De Raad van State gehoord (advies van 16 december 1970, nr. 8);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 11 januari 1971, Staf Afd. Wetgeving Privaatrecht nr. 14/671,
mede namens Onze Minister van Financiën;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit, hetwelk in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
Soestdijk18 januari 1971JULIANA.De Minister van Justitie,C. H. F. POLAK.De Minister van Financiën,H. J. WITTEVEEN.de tweede februari 1971.De Minister van Justitie,C. H. F. POLAK.De wettelijke rente als bedoeld in artikel 119 van boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, wordt vastgesteld op vier procent per jaar.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag van de maand ingaande na de datum van uitgifte van het Staatsblad, waarin dit besluit wordt geplaatst.