Ministeriële regeling · BWBR0003047

Uitvoeringsregeling bestrijdingsmiddelen

Wijzigingen Officiële bron
Uitvoeringsregeling bestrijdingsmiddelenUitvoeringsregeling bestrijdingsmiddelenDe Minister van Landbouw en Visserij, de Staatssecretaris van Volksgezondheid en Milieuhygiëne, en de Minister van Sociale Zaken a.i.,

Gelet op de artikelen 2, vijfde lid9, vijfde lid, 10, tweede lid, 12, vierde lid, en 18, eerste lid, van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962.

De Bestrijdingsmiddelencommissie gehoord,

Besluiten:

's-Gravenhage 20 juli 1976De Minister van Landbouw en Visserij,Voor deze, De secretaris-generaal,VanSettenLeidschendam, 10 augustus 1976, De Staatssecretaris van Volksgezondheid en Milieuhygiene,J. P. M.Hendriks's-Gravenhage, 22 juli 1976 De Minister van Sociale Zaken a.i.,F. P.Trip

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.wet:

Bestrijdingsmiddelenwet 1962;

b.fabrikant:

degene die beroepsmatig bestrijdingsmiddelen vervaardigt;

c.handelaar:

degene die beroepsmatig bestrijdingsmiddelen aan- en verkoopt;

d.beëindiging van de toelating:

intrekking van een toelatingsbesluit of niet verlenging van een toelatingsbesluit.

Vervallen

Vervallen

Als bestrijdingsmiddel waarvan het voorhanden of in voorraad hebben van een hoeveelheid verboden is ingevolge artikel 10, tweede lid, van de wet, tenzij die hoeveelheid bestemd is voor een gebruik waarvoor het middel is toegelaten of ter aflevering, worden aangewezen:

Voor het onderzoek van monsters, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de wet, worden de volgende instellingen aangewezen:

Deze regeling kan worden aangehaald als: Uitvoeringsregeling bestrijdingsmiddelen.