Ministeriële regeling · BWBR0003101
Aanwijzing oppervlaktewateren in beheer bij de provincie Zeeland
Gelet op het advies van Gedeputeerde Staten van Zeeland van 30 oktober 1975, nr. 1709/307/75/199/1, 2e afdeling;
Gelet op de ingekomen ambtsberichten;
Gelet op artikel 3, tweede lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en artikel 4 van het uitvoeringsbesluit verontreiniging rijkswateren,
Besluit:
's-Gravenhage6 april 1977 De Minister voornoemd,Voor de Minister.De secretaris-generaal, P. C. deMan- I.
Zijn beschikking van 1 augustus 1975, nr. AW/R 50563, in te trekken.
- II.
Aan te wijzen als oppervlaktewateren ten aanzien waarvan de in artikel 3, tweede lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren bedoelde bevoegdheden zullen worden uitgeoefend door Gedeputeerde Staten van de provincie Zeeland:
de oostelijke en westelijke rijkswaterleiding in Oost-Zeeuws-Vlaanderen;
de langs de rijkswegen en de rijkskanaal- en rijkshavendijken in Zeeland gelegen bermsloten, een en ander voor zover genoemde wateren in beheer zijn bij het Rijk.
Deze beschikking treedt in werking op 1 januari 1977.