Ministeriële regeling · BWBR0003276
Regeling Verpakkingen- en gebruiksartikelen (Warenwet)
Gelet op de artikelen 2 en 5 van het Verpakkingen- en gebruiksartikelenbesluit (Warenwet) (Stb. 1979, 558),
De Adviescommissie Warenwet gehoord,
Besluiten:
Leidschendam20 november 1979 De Minister van Volksgezondheid en Milieuhygiëne, L.Ginjaar.De Minister van Landbouw en Visserij, A. P. J. M. M. van derStee . De Staatssecretaris van Economische Zaken, Th. M.HazekampIn deze regeling wordt verstaan onder:
a.verpakking:de waar, bedoeld in artikel 1, onder a, van het Verpakkingen- en gebruiksartikelenbesluit (Warenwet) (Stb. 1979, 558);
b.gebruiksartikel:de waar, bedoeld in artikel 1, onder b, van het Verpakkingen- en gebruiksartikelenbesluit (Warenwet).
Als materialen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, van het Verpakkingen- en gebruiksartikelenbesluit (Warenwet) worden aangewezen:
- a.
kunststoffen,
- b.
papier en karton,
- c.
rubberprodukten,
- d.
metalen,
- e.
glas en glaskeramiek,
- f.
keramische materialen en emails,
- g.
textielprodukten,
- h.
geregenereerde cellulose,
- i.
hout en kurk;
- j.
deklagen
Aanvragen tot toelating van nieuwe stoffen in verpakkingen en gebruiksartikelen voor eet- en drinkwaren moeten worden ingediend volgens de in de bijlage opgenomen algemene richtlijnen voor het indienen van een verzoek tot toelating van nieuwe stoffen in verpakkingen en gebruiksartikelen voor eet- en drinkwaren.
Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling Verpakkingen- en gebruiksartikelen (Warenwet).
Deze regeling wordt in de Nederlandse Staatscourant geplaatst.
Zij treedt in werking op het tijdstip, waarop het Verpakkingen- en gebruiksartikelenbesluit (Warenwet) in werking treedt.
Niet opgenomen.