Wijzigingen Officiële bron
Wet van 4 juni 1980, houdende verlening van vorderingsbevoegdheid in verband met verontreiniging van gronden in LekkerkerkWet verlening van vorderingsbevoegdheid in verband met verontreiniging van gronden in LekkerkerkWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is vorderingsbevoegdheid aan de overheid te verlenen in verband met ernstige verontreiniging van gronden in Lekkerkerk;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle ministeriële departementen, autoriteiten, colleges en ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te Lage Vuursche4 juni 1980BeatrixDe Minister van Justitie,J. de Ruiterde vierde juni 1980De Minister van Justitie,J. de Ruiter

Onze Minister van Binnenlandse Zaken is bevoegd in het belang van de zuivering van de bodem ten behoeve van de Staat, andere lichamen of personen het eigendomsrecht op of een recht tot gebruik van onroerende zaken gelegen in de gemeente Lekkerkerk te vorderen in verband met de aldaar gebleken verontreiniging van de bodem.

Indien degene van wie de vordering is gedaan ter zake van de ten gevolge van de verontreiniging geleden schade rechten tegen derden heeft, gaan die rechten bij wege van subrogatie over op de Staat indien en voor zover deze die schade vergoedt.

Deze wet treedt in werking op de dag na die van de uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.