Wijzigingen Officiële bron
Wet van 26 augustus 1981, houdende regeling van de bezoldiging van de Nationale ombudsman en van de substituut-ombudsmannen, en wijziging van een aantal wettenWet vaststelling Wet bezoldiging Nationale ombudsmanWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de bezoldiging te regelen van de Nationale ombudsman en van substituut-ombudsmannen, bedoeld in respectievelijk artikel 2 en artikel 9 van de Wet Nationale ombudsman ( Stb. 1981, 35), en wijziging te brengen in een aantal wetten;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle ministeriële departementen, autoriteiten, colleges en ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage26 augustus 1981BeatrixDe Minister van Binnenlandse Zaken,H. WiegelDe Minister van Justitie,J. de Ruiterde negenentwintigste september 1981De Minister van Justitie,J. de Ruiter

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Deze wet treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst en werkt voor wat betreft het bepaalde in artikel I terug tot 1 juli 1979.