Regeling · BWBR0003585
Administratiebesluit Bijzondere Ziektekostenverzekering
Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid en Milieuhygiëne van 8 april 1982, DG Vgz/VKG/VZ, no 120992;
Gelet op artikel 16, eerste lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1967, 655);
Gehoord de Ziekenfondsraad;
De Raad van State gehoord (advies van 30 juni 1982, No. 2220/15/8224);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 22 maart 1983, DG Vgz/VKG/VZ, no. 123739;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
's-Gravenhage 29 maart 1983 Beatrix De Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, J. P. van der Reijden de zevende juni 1983 De Minister van Justitie, F. Korthals AltesVoor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
- a.
de wet: de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
- b.
vervallen;
- c.
een verbindingskantoor: een ingevolge artikel 3, tweede lid, aangewezen perifere instelling.
Als zorg, ten aanzien waarvan het in artikel 8 aangegeven deel van de administratie wordt verricht door de verbindingskantoren, wordt aangewezen de zorg, geregeld in de artikelen 4 tot en met 6, 8 tot en met 12, 13, tweede lid, 14, 17 en 18 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ.
Onze Minister wijst voor een periode van ten hoogste vier jaren rechtspersonen aan voor het verrichten van het in artikel 8 aangegeven deel van de administratie met betrekking tot zorg als bedoeld in artikel 2.
Onze Minister kan een aanwijzing bedoeld in het eerste lid wijzigen of intrekken.
Aan een aanwijzing van een instelling als bedoeld in het eerste lid, kan Onze Minister voorwaarden verbinden. Nieuwe voorwaarden kunnen worden gesteld.
De in het eerste tot en met derde lid vermelde bevoegdheden worden door Onze Minister uitgeoefend op gezamenlijke voordracht van de organisaties van zorgverzekeraars, gehoord het Zorginstituut en het College toezicht.
Vervallen
Vervallen
Vervallen
Vervallen
De verbindingskantoren bevorderen het administratieve contact tussen de zorgaanbieders enerzijds en het CAK anderzijds. Zij dienen de zorgverzekeraars voor zover nodig van advies met betrekking tot de beoordeling van de aanspraken van verzekerden, alsmede met betrekking tot de verschuldigdheid en de betalingswijze van bijdragen als bedoeld in de artikelen 4, 14 en 16d van het Bijdragebesluit zorg.
De zorgverzekeraars verstrekken de verbindingskantoren alle gegevens, welke zij voor de vervulling van hun taak bij de uitvoering van de wet nodig hebben.
Het CAK verricht de in artikel 49, onder e, van de wet bedoelde betalingen aan de hand van de overeenkomstig de artikelen 54, eerste lid, en 55, eerste lid, van de wet, van de verbindingskantoren verkregen gegevens.
Het Zorginstituut kan termijnen vaststellen, binnen welke de in het derde lid bedoelde gegevens dienen te worden verstrekt.
Het CAK keert eventuele voorschotten op de aan zorgaanbieders verschuldigde bedragen uit aan de hand van de overeenkomstig artikel 8, derde lid, van de verbindingskantoren verkregen gegevens.
Het Zorginstituut kan regels stellen met betrekking tot het uitkeren van voorschotten op de verschuldigde bedragen door het CAK aan zorgaanbieders.
De artikelen 36, 37, 55, tweede lid, en 56 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op de verbindingskantoren.
Onverminderd het eerste lid kan het Zorginstituut regels stellen over de wijze waarop de verbindingskantoren hun werkzaamheden uitvoeren.
Vervallen
Dit besluit is niet van toepassing op forensische zorg als bedoeld in artikel 2 van het Interimbesluit forensische zorg.
Vervallen
Dit besluit wordt aangehaald als: Administratiebesluit Bijzondere Ziektekostenverzekering.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst. Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur is belast met de uitvoering van dit besluit.