U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-12-2007.
Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 1 november 1983, tot vaststelling van regelen ten aanzien van de bezoldiging van burgerlijke rijksambtenarenBezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 25 mei 1983, nr. AB83/U577, Directoraat-Generaal voor Overheidspersoneelsbeleid, Directie Overheidspersoneelszaken, Hoofdafdeling Financiële Arbeidsvoorwaarden;

Gelet op artikel 125, eerste lid van de Ambtenarenwet 1929 (Stb. 530);

De Raad van State gehoord (advies van 3 augustus 1983, nr. W04.83.0323(11.3.30);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 21 oktober 1983, nr. AB83/1452, Directoraat-Generaal voor Overheidspersoneelsbeleid, Directie Overheidspersoneelszaken, Hoofdafdeling Financiële Arbeidsvoorwaarden;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage1 november 1983BeatrixDe Minister van Binnenlandse Zaken,Rietkerkde negenentwintigste november 1983De Minister van Justitie,F. Korthals Altes

In dit besluit wordt verstaan onder:

Vervallen

Vervallen

Het salaris van de ambtenaar die arbeidsgehandicapt is in de zin van artikel 2 van de Wet op de (re)ïntegratie arbeidsgehandicapten kan, met inachtneming van artikel 5, tweede lid, naar evenredigheid worden verminderd conform de door de uitvoeringsinstelling, bedoeld in artikel 41, derde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, vastgestelde arbeidsprestatie.

In bijzondere gevallen kan een regeling worden getroffen, waarbij van de overige bepalingen van dit hoofdstuk kan worden afgeweken.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De ambtenaar die is benoemd in een functie van secretaris-generaal, genoemd in artikel 7, vierde lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement, heeft voor de duur van die benoeming aanspraak op een maandelijkse toeslag ter grootte van 5% van zijn salaris.

De ambtenaar aan wie, anders dan krachtens een loopbaanregeling als bedoeld in artikel 13 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement of in bepalingen van dezelfde strekking in een soortgelijke regeling, op grond van artikel 57, eerste lid of tweede lid, onder b, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement een andere functie wordt opgedragen, waarbij het belang van de dienst is gelegen in het opdragen van juist die andere functie, heeft recht op een eenmalige mobiliteitstoeslag ter grootte van 50% van zijn salaris, tenzij zijn salaris met ingang van de datum waarop die andere functie wordt opgedragen om die reden wordt verhoogd.

Het bepalen van de salarisschaal en het toekennen van het salaris, van een toelage als bedoeld in de artikelen 14 tot en met 18a, van de eindejaarsuitkering, van de vakantie-uitkering, van een toeslag en van de vergoeding voor extra diensten vindt plaats:

Dit besluit kan worden aangehaald als Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984.

Bij algemene maatregel van bestuur, regelende het overgangsrecht, wordt het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit vastgesteld, waarbij kan worden bepaald dat toepassing van een of meer artikelen of onderdelen daarvan met ingang van verschillende tijdstippen zal geschieden.

bevattende de indelingsstructuur (hoofd- en niveaugroepen) waarbinnen de zwaarte van de functies wordt bepaald, alsmede de daarbij behorende salarisschalen voor de ambtenaren

Vervallen.