Op de voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 14 mei 1985, nr. MJZO755054;
Gelet op artikel 44, eerste lid, van de Grondwet;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Onze Ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Binnenlandse Zaken zijn belast met de uitvoering van dit besluit, dat met de nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst, waarvan mededeling zal worden gedaan in de Nederlandse Staatscourant en waarvan afschrift zal worden gezonden aan Onze Ministers, aan de Raad van State, aan de Algemene Rekenkamer en aan de Kamers der Staten-Generaal.
's-Gravenhage17 mei 1985BeatrixDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,P. WinsemiusDe Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,G. Ph. BrokxDe Minister van Binnenlandse Zaken,Rietkerkde zesde juni 1985De Minister van Justitie,F. Korthals AltesDe zorg voor de uitvoering van de artikelen 38 tot en met 44 van de Woonwagenwet (Stb. 1968, 98), thans behorende tot de taak van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, gaat met ingang van 15 mei 1985 over naar het Ministerie van Binnenlandse Zaken.