U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 29-12-2004.

Regeling · BWBR0003833

Besluit trekkende bevolking WBO

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 13 augustus 1985, houdende voorschriften omtrent de bekostiging van scholen voor kinderen van wie de ouders een trekkend bestaan leidenBesluit trekkende bevolking WPOWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen, drs. G. van Leijenhorst, van 7 juni 1985, nr. 6359/2326, centrale directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Gelet op artikel 115 van de Wet op het basisonderwijs (Stb. 1984, 2);

Gehoord de Onderwijsraad (advies van 10 oktober 1984, nr. O.R. III/99815LO);

De Raad van State gehoord (advies van 23 juli 1985, nr. W05.85.0299/12.5.29);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen, drs. G. van Leijenhorst, van 2 augustus 1985, nr. 6640/2326, centrale directie Wetgeving en Juridische Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage13 augustus 1985BeatrixDe staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen,G. van Leijenhorstde derde september 1985De Minister van Justitie,F. Korthals Altes

In dit besluit wordt verstaan onder:

wet: Wet op het primair onderwijs;

school: een basisschool als bedoeld in de titels B en C van dit besluit, tenzij het tegendeel blijkt;

schooljaar: het tijdvak van 1 augustus tot en met 31 juli daaraanvolgend voor zover in dit besluit niet anders is bepaald.

leerling met een niet-Nederlandse culturele achtergrond: leerling:

De artikelen 2, vierde lid, 17, 17a, 17b, 18 en 19 van het Formatiebesluit WPO zijn van overeenkomstige toepassing.

Het onderwijs aan kinderen van wie de ouders in het kermisbedrijf, onderscheidenlijk het circusbedrijf werkzaam zijn, wordt gegeven in scholen die bestemd zijn voor kinderen vanaf de leeftijd van 4 tot omstreeks 12 jaar. Het legt mede de grondslag voor het volgen van aansluitend basisonderwijs, onderscheidenlijk aansluitend voortgezet onderwijs.

Artikel 9, eerste tot en met derde lid, vijfde en zesde lid, van de wet is van overeenkomstige toepassing.

Vervallen.

Vervallen.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De artikelen 1, 2, 3, 4, 6, 7, 8 en 9 van het Bekostigingsbesluit WPO zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat ten aanzien van artikel 7, eerste lid, onder b, de bepaling inzake de termijn van 6 maanden buiten toepassing blijft.

Vervallen

De kosten van materiële instandhouding die voor vergoeding uit 's Rijks kas in aanmerking kunnen komen, zijn:

De formatie voor de vervulling van de reguliere taken van de school, bedoeld in artikel B 16a, eerste lid onderdeel a, bestaat uit:

De normatieve formatie van een school, bedoeld in artikel B 16c onderdeel a, omvat de basisformatie, de formatie voor vakonderwijs, en de formatie voor de schoolleiding.

De basisformatie wordt berekend op 1 formatieplaats ingeval het aantal leerlingen 16 of minder bedraagt. Tot en met telkens 16 leerlingen boven het aantal van 16 wordt de basisformatie met 1 formatieplaats verhoogd.

De opslag in verband met rechtspositionele aanspraken van personeel bij vermindering van de formatie bedraagt 12 formatierekeneenheden.

Vervallen

Vervallen

De aantallen formatierekeneenheden, berekend op grond van artikel B 16e en B 16k, zoals dat artikel luidde tot 1 augustus 1998, worden ten behoeve van schoolspecifiek formatie- en personeelsbeleid voor het schooljaar 1993-1994 verhoogd met 0,783% en voor het schooljaar 1994-1995 verhoogd met 1,284%. Per schooljaar wordt de uitkomst van de berekening op grond van de vorige volzin vervolgens afgerond op een geheel getal. Bij de afronding worden de decimalen verwaarloosd indien het eerste cijfer achter de komma kleiner is dan 5, en worden de decimalen verwaarloosd en het getal verhoogd met 1 indien het eerste cijfer achter de komma gelijk is aan of groter is dan 5.

De formatie voor speciale doeleinden, bedoeld in artikel B 16a, eerste lid onderdeel b, omvat de formatie voor personeelsbeleid, kwaliteitsverbetering en innovatie.

Vervallen

Het Rijk vergoedt aan het bevoegd gezag van een bijzondere school de kosten van de voorzieningen genoemd in artikel B 14.

Onze Minister verstrekt maandelijks voorschotten op de vergoeding en bepaalt de wijze van verrekening van de uitgekeerde voorschotten met het bedrag van de vastgestelde vergoeding.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De artikelen 6, 7, 8, 9 en 10, vierde lid, van het Bekostigingsbesluit WPO zijn van overeenkomstige toepassing.

De totale omvang van de formatie die voor de school voor varende kinderen wordt vastgesteld, is het formatiebudget. Het formatiebudget bedraagt de som van de aantallen formatierekeneenheden, berekend op grond van artikel C 11.

Artikel 15, eerste tot en met vierde lid, met uitzondering van onderdeel b van het eerste lid, en het zesde lid, van het Bekostigingsbesluit WPO zijn van overeenkomstige toepassing op de bekostiging van voorzieningen in de huisvesting en voor de materiële instandhouding.

Artikel 13, eerste en derde lid, van het Bekostigingsbesluit WPO is van overeenkomstige toepassing op de bekostiging van voorzieningen in de huisvesting en voor de materiële instandhouding.

De artikelen 140 tot en met 147 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:

Indien een andere school voor basisonderwijs tijdelijk het onderwijs verzorgt aan een of meer leerlingen die zijn ingeschreven bij de school voor varende kinderen, ontvangt die andere school voor basisonderwijs ondersteuning door de school voor varende kinderen en kan die andere school voor basisonderwijs een vergoeding ontvangen volgens een regeling die het bevoegd gezag van de school voor varende kinderen met het bevoegd gezag van die andere school voor basisonderwijs overeenkomt.

De bekostiging van de school voor varende kinderen wordt beëindigd indien het aantal ingeschreven leerlingen in het eerste en derde schooljaar van 3 achtereenvolgende schooljaren telkens minder heeft bedragen dan 50.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De verplichte formatie voor het schooljaar 1985-1986 wordt vastgesteld aan de hand van:

In afwijking van artikel B 16k.1, eerste lid, geldt:

In afwijking van artikel C 15k.1, eerste lid, geldt:

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 185, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs treedt dit besluit in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen datum. Het koninklijk besluit kan er in voorzien dat het besluit terugwerkende kracht heeft tot en met 1 augustus 1985.

Dit besluit kan worden aangehaald als "Besluit trekkende bevolking WPO".