Regeling · BWBR0003864
Landbouwkwaliteitsbesluit vervoederverbod afgebroeide bloembollen
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Landbouw en Visserij en de Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 4 maart 1985, (Directie Juridische en Bedrijfsorganisatorische Zaken, nr. J 1293);
Overwegende, dat ter bevordering van de afzet van kwalitatief goed veevoeder en ter bevordering van de afzet van veehouderijprodukten regelen met betrekking tot de vervoedering van afgebroeide bloembollen dienen te worden gesteld;
Gelet op de artikelen 2 en 3 van de Landbouwkwaliteitswet (Stb. 1971, 371);
Gehoord het Produktschap voor Vee en Vlees, het Produktschap voor Zuivel, het Produktschap voor Veevoeder en het Landbouwschap;
De Raad van State gehoord (advies van 3 juni 1985, no. W 11.85.0156/05.5.22);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Landbouw en Visserij en van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 1 oktober 1985 (Directie Juridische en Bedrijfsorganisatorische Zaken, nr. J 3680);
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.
's-Gravenhage21 oktober 1985BeatrixDe Staatssecretaris van Landbouw en Visserij,A. PloegDe Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur,J. P. van der Reijdende derde december 1985De Minister van Justitie,F. Korthals AltesIn dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
Onze Minister: de Minister van Landbouw en Visserij:
afgebroeide bloembollen: in bloei getrokken bollen, knollen of wortelstokken van bloemgewassen dan wel restanten daarvan;
vee: herkauwende dieren, éénhoevige dieren en varkens.
Het is verboden afgebroeide bloembollen aan vee te voederen.
Het verbod van het eerste lid geldt niet indien de houder aannemelijk maakt dat op of in de afgebroeide bloembollen geen bestrijdingsmiddelen, bestanddelen daarvan of omzettingsprodukten aanwezig zijn.
Het is verboden afgebroeide bloembollen voorhanden of in voorraad te hebben op bedrijven waar vee wordt gehouden.
Het verbod van het eerste lid geldt niet indien de houder aannemelijk maakt dat de afgebroeide bloembollen niet voor vervoedering bestemd zijn danwel op of in de afgebroeide bloembollen geen bestrijdingsmiddelen, bestanddelen daarvan of omzettingsprodukten aanwezig zijn.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Het kan worden aangehaald als "Landbouwkwaliteitsbesluit vervoederverbod afgebroeide bloembollen".