Ministeriële regeling · BWBR0003960
Vrijstellingsregeling gemedicineerd voeder.
in overeenstemming met de staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur,
Gelet op artikel 32, eerste lid, en artikel 45, eerste lid, van de Diergeneesmiddelenwet (Stb. 1985, 410);
Gehoord het Produktschap voor Veevoeder;
Besluit:
's-Gravenhage1 mei 1986 De staatssecretaris van Landbouw en Visserij, Voor deze, De secretaris-generaal, G. J. vanDinterVoor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:
wet:Diergeneesmiddelenwet (Stb. 1985, 410);
besluit:Besluit uitzonderingen registratieregime diergeneesmiddelen (Stb. 1986, 228).
Voor diergeneesmiddelen welke ingevolge artikel 5, eerste lid, onder c en d van het besluit niet behoeven te worden geregistreerd wordt vrijstelling verleend van het in artikel 32, eerste lid, van de wet gestelde verbod ten behoeve van de bereiding van gemedicineerd voerder.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag waarop artikel 32 van de wet in werking treedt.
Deze regeling kan worden aangehaald als: Vrijstellingsregeling gemedicineerd voeder.