Ministeriële regeling · BWBR0004465
Regeling handelsreclame
Gelet op de artikelen C.11.1 van het Besluit radio-elektrische inrichtingen (Stb. 1988, 552);
Besluit:
's-Gravenhage20 december 1988 De minister voornoemd, N.Smit-KroesHet verbod om voor zendinrichtingen die niet van een toegelaten type zijn handelsreclame te maken is niet van toepassing op de navolgende categorieën zendinrichtingen:
- a.
zendinrichtingen die krachtens artikel D.1.1, eerste lid van het Besluit radio-elektrische inrichtingen zijn aangewezen voor:
- 1º.
het doen van onderzoekingen,
- 2º.
de burgerluchtvaart voor zover die zendinrichtingen voldoen aan de internationaal voorgeschreven en aanbevolen technische normen, zoals deze zijn vastgesteld in bijlage 10, deel 1 van het Verdrag inzake de Internationale burgerluchtvaart (Stb. 1947, H 165);
- 3º.
vrijetijdstoepassingen ten behoeve van algemene radiocommunicatie in de 27MHz-frequentieband voor zover deze zendinrichtingen zijn voorzien van een vanwege de bevoegde buitenlandse autoriteiten aangebracht keurmerk met een van de navolgende aanduidingen:
CEPT-PR 27 aangevuld met het in de CEPT-Recommandatie T/R 20-09 vastgesteld symbool van het land waar de zendinrichting is toegelaten;
PR 27D-FM en het bijbehorende toelatingsnummer van de Bondsrepubliek Duitsland;
PR 27A;
PR 27 GB
- 1º.
- b.
andere zendinrichtingen dan bedoeld onder a 1° en 2° voor zover de handelsreclame bestaat uit niet voor het algemene publiek bestemde catalogi.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen en kan worden aangehaald als Regeling handelsreclame.