Regeling · BWBR0004753
Besluit aanstelling ambtenaren, niet zijnde ambtenaren van Staat, bij Raad van State
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 3 mei 1990, nr. AB90/165/U1, directoraat-Generaal Management en Personeelsbeleid, directie Arbeidsvoorwaarden, afdeling Algemene Arbeidsvoorwaarden en Juridische Zaken;
Gelet op artikel 7, tweede lid van het Algemeen Rijksambtenarenreglement (Stb. 1931, 248);
Hebben goedgevonden en verstaan:
Onze Minister van Binnenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit, waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.
's-Gravenhage10 mei 1990BeatrixDe Minister van Binnenlandse Zaken,C. I. Dalesde negentiende juni 1990De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch BallinDe aanstelling van de aan de Raad van State toegevoegde ambtenaren, niet zijnde ambtenaren van Staat, geschiedt indien zij plaatsvindt in vaste dienst en het salaris dan wel het aan hun functie verbonden maximum-salaris van de schaal welke voor die ambtenaren geldt lager is dan het maximum-salaris van schaal 15 van Bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 (Stb. 1983, 571) of indien zij plaatsvindt in tijdelijke dienst door de Vice-President van de Raad van State.
Het koninklijk besluit van 6 oktober 1977 (Stb. 568) wordt ingetrokken.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.