Wijzigingen Officiële bron
Warenwetregeling inzake verklaring van overeenstemming voor speelgoedWarenwetregeling inzake verklaring van overeenstemming voor speelgoedDe Staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur,

Gelet op het artikel 7, zesde lid van het Warenwetbesluit Speelgoed (Stb. 1991, 269);

Gehoord de Adviescommissie Warenwet (advies van 10 juli 1990, no. 14166/(52)5);

Besluit:

De staatssecretaris voornoemd, Hans J.Simons

De aanvraag van een verklaring als bedoeld in artikel 7, vijfde lid, van het Warenwetbesluit Speelgoed omvat naast een beschrijving en een model van het in de handel te brengen speelgoed, de ontwerp- en vervaardigingsgegevens, alsmede naam en adres van de fabrikant of van diens in één der Lidstaten van de Europese Gemeenschappen, gevestigde gemachtigde en de locatie van vervaardiging.

De in artikel 7, eerste lid, onder a, van het Warenwetbesluit Speelgoed bedoelde instanties onderzoeken aan de hand van de bij de aanvraag ingediende bescheiden of het speelgoed voldoet aan de desbetreffende eisen in bijlage 2 van het Warenwetbesluit Speelgoed. Zij passen daartoe de krachtens artikel 4, tweede lid, onder a, van het Warenwetbesluit Speelgoed aangewezen normen toe, voor zover deze toereikend zijn.

Indien het speelgoed voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 2, stellen de in artikel 2 bedoelde instanties een verklaring op, houdende de constatering dat het onderzochte speelgoed voldoet aan de fundamentele veiligheidseisen van richtlijn 88/378/EEG (PbEG L187).

In deze verklaring zijn tevens een beschrijving van het goedgekeurde speelgoed en de hierbij behorende tekeningen opgenomen.

Indien het onderzochte speelgoed niet voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 2, stellen de bedoelde instanties de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur daarvan onmiddellijk op de hoogte met opgave van redenen, met een gelijktijdig afschrift daarvan aan de aanvrager van de verklaring.