Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 6 september 1991, houdende wijziging van de Militaire wachtgeldregeling 1961 en de Premieregeling en aanvullende voorzieningen beroepsmilitairen van de krijgsmacht 1982Wijzigingsbesluit Militaire wachtgeldregeling 1961Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Defensie van 18 maart 1991, Directoraat-Generaal Personeel, Directie Arbeidsvoorwaardenbeleid, Afdeling Beleid en Management Postaktieven, nr. D 91/100/5753;

Gelet op artikel 12 van de Militaire Ambtenarenwet 1931Stb. 519);

De Raad van State gehoord (advies van 13 augustus 1991, nr. WO7.91.0152);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Defensie van 29 augustus 1991, Directoraat-Generaal Personeel, Directie Arbeidsvoorwaardenbeleid, Afdeling Beleid en Management Postaktieven, nr. D 91/100/16359;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage6 september 1991BeatrixDe Minister van Defensie,A. L. ter Beekde derde oktober 1991De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch Ballin

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

De op 1 april 1991 lopende militaire wachtgelden worden te rekenen van die datum voor de resterende duur beheerst door de bepalingen van de Militaire wachtgeldregeling 1961 (Stb. 1986, 494) zoals die ingevolge dit besluit zijn komen te luiden. De resterende duur wordt daarbij zo nodig verlengd met het verschil tussen de oorspronkelijk vastgestelde duur en de duur die een toets aan de met dit besluit geïntroduceerde nieuwe regels terzake oplevert.

De artikelen 8 en 9 van de Premieregeling en aanvullende voorzieningen beroepsmilitairen van de krijgsmacht 1982 (Stb. 648), zoals die artikelen voor de bij dit besluit aangebrachte wijzigingen luidden, blijven van kracht voor de daarin bedoelde voor 1 april 1991 ontslagen militair.

De Regeling militair wachtgeldvervangende uitkering 1962 (Stb. 1962, 76) vervalt. De bepalingen van die regeling blijven van kracht voor degene aan wie op grond daarvan te rekenen van een voor 1 april 1991 liggende datum een uitkering werd toegekend.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte in het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 1991.