U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 14-04-2000.

Regeling · BWBR0005233

Besluit kredietvergoeding

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 16 oktober 1991, houdende regels ter uitvoering van artikel 35 van de Wet op het consumentenkredietBesluit kredietvergoedingWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 6 mei 1991, nr. 91041078 WJA/W, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Financiën;

Gelet op de artikelen 35, 50, derde lid, en 64 van de Wet op het consumentenkrediet (Stb. 1990, 395);

Gehoord de Adviescommissie consumentenkrediet;

De Raad van State gehoord (advies van 26 september 1991, nr. W10.91.0236);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 7 oktober 1991, nr. 91088192 WJA/W, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Financiën;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

's-Gravenhage16 oktober 1991BeatrixDe Staatssecretaris van Economische Zaken,Y. C. M. T. van Rooyde veertiende november 1991De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch Ballin

In dit besluit wordt verstaan onder:

Voor de toepassing van dit besluit wordt een bij een krediettransactie in maanden, kwartalen of jaren uitgedrukte betalingstermijn beschouwd als een gedurende de looptijd gelijk blijvende betalingstermijn, indien dit in een tot de krediettransactie behorende overeenkomst uitdrukkelijk is overeengekomen.

Kredietvergoeding over een bepaald tijdvak mag niet eerder in rekening worden gebracht dan nadat de laatste dag van dat tijdvak is verstreken.

Voor de berekening van de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding bij regelmatige afwikkeling geldt de wettelijke rente verhoogd met 17 procentpunten als het ten hoogste toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis.

Vervallen

De ten hoogste toegelaten kredietvergoeding per dag bij regelmatige afwikkeling wordt berekend als volgt:

. In deze formule is:

KVd: de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding over dag d;

Rd: het uitstaand saldo aan het begin van dag d, dan wel:

i: het honderdste deel van het ingevolge afdeling 1 ten hoogste toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis;

q: het aantal dagen van de maand waarvan dag d deel uitmaakt.

De ten hoogste toegelaten vertragingsvergoeding wordt op dagbasis berekend. De ten hoogste toegelaten vertragingsvergoeding per dag wordt berekend als volgt:

. In deze formule is:

VVd: de ten hoogste toegelaten vertragingsvergoeding over dag d;

Ad: het bedrag in de betaling waarvan de kredietnemer aan het begin van dag d achterstallig is dan wel, indien het een krediettransactie als bedoeld in artikel 6 betreft, het deel van het uitstaand saldo dat op dag d de kredietlimiet te boven gaat als gevolg van achterstallige betalingen;

r: het honderdste deel van het in het kader van de krediettransactie overeengekomen effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis;

q: het aantal dagen van de maand waarvan dag d deel uitmaakt.

Het is verboden vergoeding bij vervroegde aflossing in rekening te brengen, te bedingen of te aanvaarden bij krediettransacties met een variabele kredietvergoeding.

Vervallen

Indien gedurende de looptijd van een krediettransactie de wettelijke rente wijzigt, is ten aanzien van de berekening van de ten hoogste toegelaten kredietvergoeding bij regelmatige afwikkeling het ten hoogste toegelaten effectieve kredietvergoedingspercentage op jaarbasis van toepassing dat gold op het tijdstip waarop:

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.

Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit kredietvergoeding.