U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 08-07-2022.

Wet · BWBR0005251

Wet op de accijns

Wijzigingen Officiële bron
Wet van 31 oktober 1991, houdende vereenvoudiging en uniformering van de accijnswetgevingWet op de accijnsWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de accijnswetgeving te moderniseren, te vereenvoudigen en op een aantal punten technisch te herzien en dat het voorts wenselijk is de heffing van de accijnzen onder te brengen in één heffingswet en het stelsel zodanig te uniformeren dat een einde wordt gemaakt aan de grote verscheidenheid in regelgeving welke kenmerkend is voor de huidige accijnswetgeving;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage31 oktober 1991BeatrixDe Staatssecretaris van Financiën,M. J. J. van Amelsvoortde veertiende november 1991De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch Ballin

Vervallen

Vervallen

Onder bier wordt verstaan:

voor zover deze producten een alcoholgehalte hebben van meer dan 0,5%vol.

Wijn wordt onderscheiden in niet-mousserende wijn en mousserende wijn.

De accijns bedraagt per hectoliter, waarbij een gedeelte van een hectoliter rekenkundig wordt afgerond op twee decimalen, voor zowel niet-mousserende wijn als mousserende wijn met een alcoholgehalte van:

Vervallen

Tussenproducten worden onderscheiden in niet-mousserende tussenproducten en mousserende tussenproducten.

Onder niet-mousserende tussenproducten worden verstaan alle niet als bier of wijn aan te merken producten van GN-codes 2204, 2205 en 2206 met een alcoholgehalte van meer dan 1,2%vol maar niet meer dan 22%vol, die ingevolge artikel 11c niet als mousserende tussenproducten worden aangemerkt.

Onder mousserende tussenproducten worden verstaan alle niet als bier of wijn aan te merken producten van GN-codes 2204, 2205 en 2206 met een alcoholgehalte van meer dan 1,2%vol maar niet meer dan 22%vol, die zijn verpakt in flessen met een champignonvormige stop die door draden of banden of anderszins is geborgd, ofwel een overdruk van 3 bar of meer hebben die is teweeggebracht door koolzuurgas in oplossing.

De accijns bedraagt per hectoliter, waarbij een gedeelte van een hectoliter rekenkundig wordt afgerond op twee decimalen, voor zowel niet-mousserende tussenproducten als mousserende tussenproducten met een alcoholgehalte van:

De accijns bedraagt voor overige alcoholhoudende producten per hectoliter bij een temperatuur van 20°C per volumeprocent alcohol € 16,86, waarbij een gedeelte van een hectoliter rekenkundig wordt afgerond op drie decimalen en van een volumeprocent alcohol naar beneden wordt afgerond op één decimaal.

Voor de toepassing van artikel 13 wordt het volume van overige alcoholhoudende producten die bestaan uit een vloeistof waarin zich bestanddelen in vaste vorm bevinden, gesteld op het volume van het gehele product.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De artikelen 10.1 en 10.2 van de Wet inkomstenbelasting 2001 zijn van overeenkomstige toepassing op de in de artikelen 27, eerste lid, 71e, tweede lid, en 71g, tweede lid, vermelde bedragen.

Onder tabaksproducten wordt verstaan tot verbruik bereide tabak in de vorm van sigaren, sigaretten en rooktabak.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Bij ministeriële regeling kan met betrekking tot bier, wijn, tussenproducten, overige alcoholhoudende producten en tabaksproducten in kleinhandelsverpakking worden bepaald dat voor de berekening van de accijns het volume of de massa van die goederen dat is vermeld op die verpakking in aanmerking wordt genomen.

Een plaats kan alleen als accijnsgoederenplaats worden gebruikt indien daartoe een vergunning is verstrekt door de inspecteur.

De vergunninghouder die een aanpassing van de in de vergunning opgenomen voorwaarden wenst, dient daartoe een verzoek in bij de inspecteur.

Degene die een accijnsgoederenplaats wil overnemen, dient gezamenlijk met de vergunninghouder een verzoek in bij de inspecteur tot een zodanige aanpassing van de vergunning voor die accijnsgoederenplaats dat hij voor alle uit de vergunning voortvloeiende rechten en verplichtingen in de plaats treedt van de vergunninghouder.

De vergunning voor een accijnsgoederenplaats kan door de inspecteur worden ingetrokken ingeval:

De artikelen 43, 44, 45, 46, 48, 49 en 50 zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de vergunning, bedoeld in artikel 50a of 50d.

De artikelen 43, 44, tweede en derde lid, 45, 46, 48, 49 en 50 zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de in artikel 50f, tweede lid, bedoelde vergunning.

Treedt op een later tijdstip in werking.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Vervallen

Vervallen

De vervoerder van accijnsgoederen is hoofdelijk aansprakelijk voor het bedrag aan accijns dat wordt vertegenwoordigd door de hoeveelheid accijnsgoederen die door hem wordt vervoerd vanuit een accijnsgoederenplaats of van de plaats van invoer, bedoeld in artikel 2a, derde lid, naar een andere accijnsgoederenplaats, naar een belastingentrepot, naar een geregistreerde geadresseerde in een andere lidstaat of naar een plaats waar de accijnsgoederen het grondgebied van de Unie verlaten, indien tijdens dat vervoer door hem of door zijn toedoen een onregelmatigheid heeft plaatsgevonden.

Onverminderd artikel 51, eerste lid, onderdeel d, zijn ter zake van de uitslag tot verbruik, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel d de wettelijke bepalingen, bedoeld in artikel 1:1, eerste en tweede lid, van de Algemene douanewet, met uitzondering van artikel 88 van de Gedelegeerde Verordening Douanewetboek van de Unie, van overeenkomstige toepassing.

Vervallen

De artikelen 21a en 21b van de Wet op de omzetbelasting 1968 zijn van overeenkomstige toepassing.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Een vergunning voor een accijnsgoederenplaats voor tabaksproducten kan, onverminderd het bepaalde in de artikelen 40, eerste en tweede lid, en 41, uitsluitend worden verkregen door degene die:

Vervallen

In de vergunning voor een accijnsgoederenplaats voor tabaksproducten kan worden toegestaan dat de vergunninghouder onder daarbij te stellen voorwaarden gedeeltelijk tot verbruik bereide tabak en tabaksproducten, al dan niet voorzien van accijnszegels, tijdelijk buiten de accijnsgoederenplaats bepaalde bewerkingen of verpakkingshandelingen kan laten ondergaan zonder dat het tijdelijk buiten de accijnsgoederenplaats brengen van die producten, in afwijking van artikel 2, eerste lid, onderdeel a, wordt aangemerkt als uitslag tot verbruik.

Bij wijziging van de accijns op grond van artikel 27a kan bij de daartoe strekkende ministeriële regeling worden bepaald dat artikel 84a of artikel 84b geen toepassing vindt.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Het is een ieder die toestemming heeft om accijnszegels aan te vragen niet toegestaan:

Degene die opzettelijk een in artikel 5 opgenomen verbod overtreedt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie of, indien dit bedrag hoger is, ten hoogste eenmaal het bedrag van de te weinig geheven accijns.

Degene die opzettelijk een accijnsgoed waarvoor vrijstelling of teruggaaf van accijns is verleend een bestemming geeft waarvoor geen vrijstelling of teruggaaf van accijns zou zijn verleend, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie of, indien dit bedrag hoger is, ten hoogste eenmaal het bedrag van de te weinig geheven accijns.

Treedt op een later tijdstip in werking.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

De inwerkingtreding van deze wet wordt bij wet geregeld.

Deze wet kan worden aangehaald als Wet op de accijns.