U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 13-02-1998.

Regeling · BWBR0005333

Besluit Taak FEZ

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 19 december 1991, houdende nadere regelen omtrent de taak van de centrale directie Financieel-Economische Zaken bij de ministeriesBesluit Taak FEZWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 13 juni 1991, nr. B91-161, Directoraat-Generaal van de Rijksbegroting, Directie Begrotingszaken;

Gelet op artikel 32, aanhef en onder a, c en d, van de Comptabiliteitswet;

Gezien het advies van de Algemene Rekenkamer van 22 augustus 1990, nr. 1030R;

De Raad van State gehoord (advies van 10 september 1991, nr. W06.91.0303);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 13 december 1991, nr. B91-387, Directoraat-Generaal van de Rijksbegroting, Directie Begrotingszaken, en Centrale Directie Wetgeving, Juridische en Bestuurlijke Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage19 december 1991BeatrixDe Minister van Financiën,W. Kokde zevende januari 1992De Minister van Justitie a.i.,C. I. Dales

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:

Onverminderd het bepaalde in de regels, bedoeld in artikel 15 van de Comptabiliteitswet, kan de directeur FEZ namens Onze minister nadere regels geven aan de hoofden van dienst met betrekking tot de in dat artikel bedoelde onderwerpen.

De directeur FEZ oefent toezicht uit op de uitvoering van de begroting door de hoofden van dienst. Dit toezicht heeft in het bijzonder betrekking op:

De directeur FEZ is verantwoordelijk voor de opstelling van aanvullende begrotingsontwerpen (suppletore begrotingen).

De directeur FEZ is verantwoordelijk voor de samenstelling van periodieke overzichten van verplichtingen, uitgaven en ontvangsten en van andere al dan niet periodieke overzichten, waarvoor de gegevens kunnen worden ontleend aan de administraties, bedoeld in artikel 20, eerste lid, van de Comptabiliteitswet, alsmede voor het opmaken van de financiële verantwoording, bedoeld in artikel 65, tweede lid, van de Comptabiliteitswet.

Indien de directeur FEZ van oordeel is dat op enigerlei wijze een meer doelmatig beheer kan worden gevoerd, dan wel dat vermeerdering van inkomsten mogelijk is, treedt hij over de te nemen maatregelen in overleg met de betrokken hoofden van dienst. Leidt dit overleg niet tot overeenstemming, dan vraagt de directeur FEZ hierover de beslissing van Onze minister.

De directeur FEZ is bevoegd van het personeel ressorterend onder Onze minister, omtrent aangelegenheden waaraan financiële gevolgen zijn verbonden, rechtstreeks inlichtingen te vorderen, die hij naar zijn oordeel voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft.

De directeur FEZ is voorts belast met de taken die hem door Onze minister worden opgedragen.