Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 15 april 1992, houdende regelen met betrekking tot de bevoegdheid tot het geven van verkeersinformatie dan wel verkeersaanwijzingen en de daartoe aan de bevoegde personen te stellen eisenBesluit houdende regelen met betrekking tot de bevoegdheid tot het geven van verkeersinformatie dan wel verkeersaanwijzingen en de daartoe aan de bevoegde personen te stellen eisenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, van 14 augustus 1991, nr. S/J 31.329/91, Directoraat-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken;

Gelet op artikel 9 van de Scheepvaartverkeerswet (Stb. 1988, 352);

De Raad van State gehoord (advies van 12 november 1991, no. W09.91.0417);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 9 april 1992, nr. J 30.651/92, Directoraat-Generaal Scheepvaart en Maritieme Zaken;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State.

's-Gravenhage15 april 1992BeatrixDe Minister van Verkeer en Waterstaat,J. R. H. Maij-Weggende negentiende mei 1992De Minister van Justitie a.i.,C. I. Dales

In dit besluit wordt verstaan onder:

Vervallen

De registerloods die bevoegd is tot het loodsen op afstand, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het Voorschriftenbesluit registerloodsen (Stb. 1988, 395), is eveneens bevoegd tot het geven van verkeersinformatie voor zover dit verband houdt met het loodsen op afstand.

De personen die verkeersinformatie dan wel verkeersaanwijzingen geven op een verkeerscentrale of op een verkeerspost in een verkeersbegeleidend systeem, kunnen slechts worden aangewezen voor zover zij met goed gevolg het landelijk examen en een regionaal examen hebben afgelegd.

De personen die verkeersinformatie dan wel verkeersaanwijzingen geven anders dan bedoeld in artikel 4, kunnen slechts worden aangewezen indien zij naar het oordeel van het bevoegd gezag beschikken over voldoende kundigheid of werkervaring dan wel voldoende opleiding hebben genoten.

De ambtenaar van politie, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, die in het bezit is van een vaarbekwaamheidsbewijs politie en van een groot vaarbewijs, is bevoegd tot het geven van verkeersaanwijzingen anders dan bedoeld in artikel 4, aan de schipper van een schip dat zich bevindt op de wateren waarop het Binnenvaartpolitiereglement, het Scheepvaartreglement Eemsmonding, het Scheepvaartreglement Gemeenschappelijke Maas of het Scheepvaartreglement voor het Kanaal van Gent naar Terneuzen van toepassing is.

De ambtenaar van politie, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, die in het bezit is van een vaarbekwaamheidsbewijs politie, is op de in artikel 5a genoemde wateren bevoegd tot het geven van verkeersaanwijzingen anders dan bedoeld in artikel 4, aan

De ambtenaar van politie, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, die niet in het bezit is van een vaarbekwaamheidsbewijs politie, is op de in artikel 5a genoemde wateren bevoegd tot het geven van verkeersaanwijzingen anders dan bedoeld in artikel 4, aan de schipper van een schip met een lengte van minder dan 15 meter, behoudens wanneer voor de schipper van dat schip een klein vaarbewijs of een groot vaarbewijs is vereist, of wanneer het de schipper betreft van een schip als bedoeld in artikel 17, eerste lid, onderdelen a, b, of d, van de Binnenschepenwet.

Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Justitie, voor de toepassing van de artikelen 5a tot en met 5c, een ander bewijs van bekwaamheid met het vaarbekwaamheidsbewijs politie gelijkstellen.

De hoofdstukken 2 tot en met 6 zijn uitsluitend van toepassing op de in artikel 4 bedoelde personen.

Onze Minister wijst gecommitteerden aan die toezicht houden op de in de artikelen 15 en 16 bedoelde examens, dan wel de op grond van artikel 9 afgenomen module-examens.

De voorzitter van de betreffende examencommissie roept de leden en plaatsvervangende leden van de commissie op naarmate de aard en de omvang van de werkzaamheden hun aanwezigheid vereisen.

De secretaris draagt zorg voor het vermenigvuldigen van de examenopgaven.

Onze Minister kan een kandidaat voor het landelijk examen vrijstelling verlenen voor een of meer modules of gedeeltes daarvan op grond van door de kandidaat behaalde diploma's dan wel getuigschriften.

Indien na het afleggen van een examen blijkt dat de kandidaat tijdens het examen bedrog heeft gepleegd of zich aan een andere onregelmatigheid heeft schuldig gemaakt, kan de voorzitter, na overleg met de betreffende examencommissie, de kandidaat het basisdiploma met het bijbehorende boekje "VTS-kwalificatie" onthouden of het reeds uitgereikte diploma met het bijbehorende boekje "VTS-kwalificatie" intrekken.

Onze Minister stelt het model vast van het krachtens dit besluit uit te reiken basisdiploma met het bijbehorende boekje "VTS-kwalificatie".

Een duplicaat van een uitgereikt basisdiploma en/of het bijbehorende boekje "VTS-kwalificatie" wordt slechts afgegeven indien de belanghebbende aannemelijk kan maken, dat het oorspronkelijke basisdiploma en/of boekje "VTS-kwalificatie" verloren of in ongerede is geraakt.

De regionale kwalificatie is ten hoogste drie jaar geldig en kan overeenkomstig het bepaalde in artikel 32 worden verlengd.

Dit besluit is niet van toepassing indien verkeersinformatie wordt gegeven krachtens de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland inzake de gemeenschappelijke informatie en begeleiding van de scheepvaart in de Eemsmonding door middel van walradar- en hoogfrequent-radio-installaties (Trb. 1981, 2).

Artikel 4 is tot 1 juli 1996 niet van toepassing op de personen die bevoegd zijn tot het geven van verkeersinformatie dan wel verkeersaanwijzingen op een verkeerspost of op een verkeerscentrale in een verkeersbegeleidend systeem en die op de dag voorafgaande aan de vaststelling van dit besluit feitelijk waren belast met het geven van informatie aan de scheepvaart of bevoegd waren tot het geven van verkeersaanwijzingen als bedoeld in artikel 1.19 van het Binnenvaartpolitiereglement (Stb. 1983, 682), artikel 1.19 van het Rijnvaartpolitiereglement 1983 (Stb. 389), artikel 53 van het Scheepvaartreglement voor het Kanaal van Gent naar Terneuzen ( Stb. 1992, 3), en artikel 35 van het Scheepvaartreglement Eemsmonding (Stb. 1989, 237), dan wel tot het geven van aanwijzingen en bevelen van tijdelijke aard als bedoeld in artikel 54 van het Scheepvaartreglement Westerschelde (Stb. 1981, 620).

Aan degene die in het bezit is van het diploma VTS-operator met het bijbehorende overzicht, wordt het basisdiploma met het bijbehorende boekje "VTS-kwalificatie" afgegeven. De op grond van het diploma VTS-operator verleende regionale aantekening wordt in het boekje "VTS-kwalificatie" als regionale kwalificatie aangetekend.

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.