Regeling · BWBR0005490
Wijzigingsbesluit Bezoldigingsregeling militairen zeemacht 1947
Op de voordracht van Onze Minister van Defensie van 31 januari 1992, Afdeling arbeidsvoorwaardenbeleid, nr. PAV 92/6160/1742;
Gelet op artikel 12 van de Militaire Ambtenarenwet 1931 (Stb. 519), artikel 125 van de Ambtenarenwet 1929 (Stb. 530) en artikel 2 van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen (Stb. 1971, 231);
De Raad van State gehoord (advies van 30 maart 1992, nr. W07.92.0052)
Gezien het nader rapport van Onze voornoemde Minister van 13 april 1992, nr. PAV 92/6160/10072;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat daarvan afschrift zal worden gezonden aan de Raad van State en aan de Algemene Rekenkamer.
's-Gravenhage16 april 1992BeatrixDe Minister van Defensie,A. L. ter Beekde vierde juni 1992De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch BallinBevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Aan de militair die op 30 april 1992 aanspraak had op bezoldiging volgens de schaal dan wel weddegenietend was, wordt op 1 mei 1992 een diensttijd toegekend, overeenkomend met:
- 1.
indien hij jonger is dan 22 jaar: zijn leeftijd en de letter J;
- 2.
indien hij 22 jaar of ouder is: zijn diensttijd geldende voor bezoldiging of voor wedde per 30 april 1992, vermeerderd met één dag.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 mei 1992. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst wordt uitgegeven na 30 april 1992 treedt dit besluit in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt het terug tot en met 1 mei 1992.