Ministeriële regeling · BWBR0005509

Regeling Rijnvaartverklaring en bewijs van toelating

Wijzigingen Officiële bron
Regeling Rijnvaartverklaring en bewijs van toelatingRegeling Rijnvaartverklaring en bewijs van toelatingDe minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op de artikelen 7, 8 en 9 van de Wet vervoer binnenvaart (Stb. 1991, 711);

Gelet op de artikelen 7, eerste lid, onderdelen a tot en met d, tweede tot en met vierde lid, 11 en 12 van het Besluit vervoer binnenvaart (Stb. 1992, 232);

Besluit:

's-Gravenhage13 mei 1992 De Minister van Verkeer en Waterstaat, J. R. H.Maij-Weggen

Als Rijnvaartverklaring als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet vervoer binnenvaart, wordt vastgesteld het document overeenkomstig het bij deze regeling behorende model D.

Als geëigend document van de bevoegde autoriteit van een andere Lid-Staat van de Europese Gemeenschappen dan Nederland als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdeel b, onder 2°., van de Wet vervoer binnenvaart gelden de attesten, bedoeld in artikel 2, derde lid, van Verordening (EEG) nr. 3921/91 van de Raad van 16 december 1991 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder vervoersondernemers worden toegelaten tot binnenlands goederen- en personenvervoer over de binnenwateren in een Lid-Staat waar zij niet gevestigd zijn (PbEG L 373), aangewezen in de bij deze regeling behorende bijlage A.

Deze regeling kan worden aangehaald onder de titel: Regeling Rijnvaartverklaring en bewijs van toelating.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 15 mei 1992.

Deze regeling wordt met de toelichting doch zonder de modellen en de bijlagen in de Staatscourant geplaatst.

Ligt ter inzage bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Niet opgenomen.

Niet opgenomen.

Niet opgenomen.

Niet opgenomen.