U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 10-12-2003.
Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 25 juni 1993, houdende bepalingen betreffende de bezoldiging van burgerlijke ambtenaren bij het Ministerie van Defensie Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensieWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Defensie van 1 februari 1993, nr. PAV2210/93002671;

Gelet op de artikelen 125 en 134, eerste lid, van de Ambtenarenwet 1929;

De Raad van State gehoord (advies van 29 maart 1993, nr. WO7.93.0069);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Defensie van 16 juni 1993, nr. PAV2210/93008949;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage 25 juni 1993 Beatrix De Minister van Defensie, A. L. ter Beek de dertiende juli 1993 De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin

In dit besluit wordt verstaan onder:

Vervallen

Voor de berekening van het pensioen gevend inkomen worden aanspraken op grond van dit besluit of op grond van andere regelingen inzake beloningen van de ambtenaar, vermenigvuldigd met een factor 1/1,019 met inachtneming van een maximale vermindering van het pensioen gevend inkomen van € 65,92.

Vervallen

Vervallen

In bijzondere gevallen kan een regeling worden getroffen, waarbij van de overige bepalingen van dit hoofdstuk kan worden afgeweken.

In uitzonderlijke gevallen kan aan de ambtenaar of aan een groep ambtenaren een toelage worden toegekend op andere gronden dan die vermeld in de artikelen 12a tot en met 19.

Bij toekenning van een aanspraak op een beloning, als bedoeld in artikel 11, een functioneringstoelage, als bedoeld in artikel 12a, een wervings- en behoudtoelage, als bedoeld in artikel 19, of een wervings- en behoudpremie, als bedoeld in artikel 24, bedraagt de totale waarde van die aanspraken, gerekend over de voorafgaande 12 maanden, maximaal 30% van het tot een jaarbedrag herleide salaris in de maand van de toekenning.

Een krachtens artikel 12a, 19 of 20 toegekende toelage wordt ingetrokken, indien de gronden, waarop de toelage werd toegekend, niet meer aanwezig zijn, tenzij het bevoegde gezag van oordeel is, dat er omstandigheden zijn om de toelage geheel of gedeeltelijk te handhaven.

Voor gevallen, waarin dit besluit niet of niet naar billijkheid voorziet, wordt bij koninklijk besluit een bijzondere regeling getroffen op gemeenschappelijke voordracht van Onze Minister-President en Onze Minister.

De aanspraken, welke een ambtenaar aan één van de onder at/m e opgesomde regelingen op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit kan ontlenen, blijven conform het bepaalde in die regelingen van kracht:

Voor zover op grond van de bepalingen van dit besluit nadere regels moeten worden gegeven gelden na de inwerkingtreding van dit besluit ten aanzien van de ambtenaar als genoemd in artikel 1 van dit besluit de op basis van de overeenkomstige bepalingen van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 vastgestelde regels 1) als nadere regels berustende op dit besluit voor zover zij daarmede niet in strijd zijn. Zij blijven gedurende één jaar na het in werking treden van dit besluit van toepassing op de in artikel 1 genoemde ambtenaar tenzij Onze Minister anders bepaalt.

Aan de ministeriële regeling bedoeld in artikel 9a kan terugwerkende kracht worden verleend tot en met 1 januari 1995.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 1993.

Dit besluit wordt aangehaald als Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie.

Vervallen.

Mij bekend,

De Staatssecretaris van Defensie, H. A. L.van Hoof