Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 25 september 1993, houdende regels met betrekking tot het verplicht bodemonderzoek op in gebruik zijnde bedrijfsterreinenBesluit verplicht bodemonderzoek bedrijfsterreinenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 1 juni 1992, nr. MJZ 01692030, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;

Gelet op de artikelen 70 en 72 van de Wet bodembescherming;

Gezien de adviezen van de Centrale raad voor de milieuhygiëne (adviezen van 27 mei 1991, B-91/566 en van 27 juni 1991, B-91/721) en van de Technische commissie bodembescherming (advies van 3 mei 1991, TCB 91/108/S);

De Raad van State gehoord (advies van 5 oktober 1992, nr. W08.92 0233);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 17 september 1993, nr. MZJ 17993003, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Het Oude Loo25 september 1993BeatrixDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,J. G. M. Aldersde dertigste november 1993De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch Ballin

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Vervallen

Onze Minister kan regels stellen met betrekking tot de wijze van monstername en van analyse bij het doen van een vooronderzoek of een verkennend onderzoek, en met betrekking tot de rapportage van het resultaat van dat onderzoek.

De categorieën bedrijfsterreinen waarvan aannemelijk is dat een geval van ernstige verontreiniging is ontstaan en spoedige sanering noodzakelijk zal zijn, bedoeld in artikel 55ab van de Wet bodembescherming, zijn de in bijlage 2 bij dit besluit aangewezen categorieën.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit verplicht bodemonderzoek bedrijfsterreinen.

De in artikel 4, eerste lid bedoelde bedrijfsgroepen zijn:

1 Minimum aantal Hinderwetvergunningen voor een bedrijfsactiviteit die behoort tot deze UBI-code.

2 HW: Hinderwetvergunning.

3 N.e.g.: Niet eerder genoemd.

4 Dit aanvullende criterium is niet van toepassing indien vijf of meer Hinderwetvergunningen zijn verleend voor een bedrijfsactiviteit. Bij vijf of meer Hinderwetvergunningen speelt het jaar van verlening van de vergunningen dus geen rol.