Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 5 juli 1993, nr. MJZ05793003, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Gelet op de artikelen 39 en 43 van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing;
Gezien het advies van de Coördinatiecommissie stadsvernieuwing van 29 januari 1993, nr. 1;
Gezien het advies van de Raad voor de Volkshuisvesting van 31 maart 1993, nr. 207/212;
De Raad van State gehoord (advies van 25 augustus 1993, nr. W08.93.0405);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 23 september 1993, nr. MJZ23993001, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage30 september 1993BeatrixDe Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,E. Heermade negentiende oktober 1993De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch BallinBevat wijzigingen in andere regelgeving.
De artikelen 4, 5, 6 en 12 van het Besluit op de stads- en dorpsvernieuwing, zoals dat laatstelijk luidde vóór 1 januari 1994, blijven van toepassing op de verlening van geldelijke steun als bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing voor kalenderjaren die vóór die datum zijn verstreken, en op de besteding van en de verslaglegging over die geldelijke steun.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
De tekst van het Besluit op de stads- en dorpsvernieuwing, wordt in het Staatsblad geplaatst.
De artikelen I, II en III van dit besluit treden in werking met ingang van 1 januari 1994.
Artikel IV van dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.