Ministeriële regeling · BWBR0006304

Commissie Toetsing Toekomstbestendigheid WSW

Wijzigingen Officiële bron
Commissie Toetsing Toekomstbestendigheid WSWCommissie Toetsing Toekomstbestendigheid WSWDe Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Overwegende dat met de wijziging van de Wet Sociale Werkvoorziening van 28 september 1988, Stb. 440 een experimentele periode is ingegaan die afloopt op 1 januari 1995;

Overwegende dat een concept-wetsvoorstel tot integrale herziening van de Wet Sociale Werkvoorziening is voorgelegd aan de organisaties die de uitvoerders van de wet vertegenwoordigen en dat signalen zijn ontvangen dat bij deze organisaties op onderdelen onvoldoende draagvlak voor het concept-wetsvoorstel bestaat, met name met betrekking tot de in het concept-wetsvoorstel te regelen financieringswijze en met betrekking tot de relatie ten opzichte van andere vormen van gesubsidieerde arbeid;

Overwegende dat het om die reden gewenst is nader advies in te winnen van externe deskundigen alvorens nadere besluiten te nemen ten aanzien van het wetsvoorstel;

Besluit:

's-Gravenhage13 december 1993 De Staatssecretaris voornoemd,J.Wallage

Er is een onafhankelijke Commissie ‘Toetsing toekomstbestendigheid Wet Sociale Werkvoorziening’, hierna te noemen: de commissie.

De commissie heeft de volgende taak:

In de commissie hebben zitting:

Ter uitvoering van haar taak kan de commissie zich rechtstreeks wenden tot gemeentebesturen en de gemeentelijke instanties, die belast zijn met de uitvoering van de WSW, tot vertegenwoordigers van belangenorganisaties die betrokken zijn bij de Wet Sociale Werkvoorziening en tot de betrokken dienstonderdelen van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Krachtens een door de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te verlenen opdracht zal Berenschot BV te Utrecht met de ondersteuning van de commissie worden belast. De inhoudelijke invulling van de ondersteuning wordt binnen de door de Staatssecretaris te stellen financiële kaders door de commissie bepaald.

De commissie kan, met inachtneming van dit besluit, haar werkwijze regelen.

De archieven van de commissie worden binnen twee maanden na het uitbrengen van het rapport ter bewaring overgedragen aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Dit besluit wordt bekend gemaakt in de Nederlandse Staatscourant.