Regeling · BWBR0006629
Besluit aanwijzing van de personen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Politiewet 2012
Op de voordracht van Onze Minister van Defensie van 25 november 1993, nr. CWW 85/008, Directie Juridische Zaken;
Gelet op artikel 6, tweede lid, van de Politiewet 1993;
De Raad van State gehoord (advies van 29 december 1993, nr. W07.93.0795.);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Defensie van 15 april 1994, nr. CWW 85/008, Directie Juridische Zaken;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage25 april 1994BeatrixDe Minister van Defensie,A. L. ter Beekde eenendertigste mei 1994De Minister van Justitie,E. M. H. Hirsch BallinAls personen, bedoeld in de artikelen 4, tweede lid, van de Politiewet 2012 en 5, tweede lid, van de Veiligheidswet BES, worden aangewezen:
- a.
de echtgenoten van de personen die behoren tot de andere strijdkrachten of internationale militaire hoofdkwartieren, voor zover deze echtgenoten niet de Nederlandse nationaliteit bezitten;
- b.
de kinderen van die personen, voor zover zij voor hun onderhoud van hen afhankelijk zijn.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 april 1994.
Dit besluit berust op de artikelen 4, tweede lid, van de Politiewet 2012 en 5, tweede lid, van de Veiligheidswet BES.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit aanwijzing van personen over wie de politietaak van de Koninklijke marechaussee zich mede uitstrekt.