Wijzigingen Officiële bron
Regeling inhoud kennisgevingen en meldingen Wet Milieugevaarlijke stoffenRegeling inhoud kennisgevingen en meldingen Wet Milieugevaarlijke stoffenDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Gelet op richtlijn nr. 92/32/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 30 april 1992 tot zevende wijziging van richtlijn 67/548/EEG betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke stoffen (PbEG L 154), richtlijn nr. 93/105/EG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 25 november 1993 houdende vaststelling van bijlage VII D inzake de informatie die in het in artikel 12 van Richtlijn 67/548/EEG bedoelde technisch dossier moet worden opgenomen (PbEG L 227), artikel 4, negende lid, van de Wet milieugevaarlijke stoffen en de artikelen 2, achtste lid, 2a, eerste en tweede lid, 2f, 3, tweede lid, 4, vierde lid, 10, derde lid, 11, achtste lid, en 12, tiende lid, van het Kennisgevingsbesluit Wet milieugevaarlijke stoffen;

Besluit:

's-Gravenhage6 mei 1994De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.G.M. Alders

Tenzij hoofdstuk 2A of hoofdstuk 3 van toepassing is, worden bij een handelskennisgeving ten minste de in de artikelen 3 tot en met 6 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de identiteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de produktie van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de toepassing van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de gevaren van de stof en de aanbevolen maatregelen worden de volgende gegevens overgelegd:

Indien krachtens dit hoofdstuk wordt kennisgegeven van een polymeer, worden naast de in de artikelen 3 tot en met 6 bedoelde gegevens, ten minste de volgende gegevens overgelegd:

Bij een handelskennisgeving die betrekking heeft op ten minste 1000 kilogram van een stof, worden naast de in de artikelen 3 tot en met 6 bedoelde gegevens, ten minste tevens de in de artikelen 9 tot en met 15 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de acute toxiciteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Gegevens worden overgelegd met betrekking tot de subacute toxiciteit van de stof bij herhaalde blootstelling gedurende 28 dagen langs de daarvoor het meest in aanmerking komende toedieningsweg, die afhankelijk is van:

Met betrekking tot de toxiciteit voor het milieu en de afbreekbaarheid van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Gegevens worden overgelegd met betrekking tot de methoden die geschikt zijn om zich met zo min mogelijk bezwaar voor mens of milieu te ontdoen van de stof in het afvalstadium bij industrie, ambacht of bij het algemene publiek, door:

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de acute toxiciteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Gegevens worden overgelegd over de mutageniteit van de stof, te onderzoeken met een bacteriële onderzoekmethode voor de vaststelling van de terugmutatie, welk onderzoek wordt uitgevoerd met en zonder metabolische activering.

Gegevens worden overgelegd over de biologische afbreekbaarheid van de stof.

Bij een handelskennisgeving die betrekking heeft op ten minste 100 en minder dan 1000 kilogram van een polymeer, worden naast de in de artikelen 3 tot en met 7 en 17 tot en met 21 bedoelde gegevens, ten minste gegevens overgelegd inzake de fysisch-chemische eigenschappen van het polymeer, voor zover deze betrekking hebben op de extraheerbaarheid met water.

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Gegevens worden overgelegd met betrekking tot de acute toxiciteit, die is bepaald op de volgende wijze:

Bij een handelskennisgeving die betrekking heeft op ten minste 1000 kilogram van een tussenproduct met een beperkte blootstelling als bedoeld in artikel 2g van het besluit worden ten minste de in de artikelen 25b tot en met 25k genoemde gegevens voor alle productie- en gebruikslocaties overgelegd.

Met betrekking tot de identiteit van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de productie van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de toepassing van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de gevaren van het tussenproduct met een beperkte blootstelling en de aanbevolen maatregelen worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de acute toxiciteit van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, de volgende gegevens overgelegd:

Gegevens worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, overgelegd over de mutageniteit van het tussenproduct met een beperkte blootstelling, te onderzoeken met een bacteriële onderzoeksmethode voor de vaststelling van de terugmutatie, welk onderzoek wordt uitgevoerd met en zonder metabolische activering.

Met betrekking tot de toxiciteit voor het milieu en de afbreekbaarheid van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25a, de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25l, de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de acute toxiciteit van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25l, de volgende gegevens overgelegd:

Bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25l, worden gegevens overgelegd met betrekking tot de subacute toxiciteit van het tussenproduct met een beperkte blootstelling bij herhaaldelijke blootstelling gedurende 28 dagen langs de daarvoor het meest in aanmerking komende toedieningsweg, die afhankelijk is van:

Met betrekking tot de toxiciteit voor het milieu en de afbreekbaarheid van het tussenproduct met een beperkte blootstelling worden bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25l, de volgende gegevens overgelegd:

Bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25l, worden gegevens overgelegd met betrekking tot de methoden die geschikt zijn om zich met zo min mogelijk bezwaar voor mens of milieu te ontdoen van het tussenproduct met een beperkte blootstelling in het afvalstadium bij industrie, ambacht of bij het algemene publiek, door:

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer kan in overeenstemming met de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid besluiten dat bij de handelskennisgeving, bedoeld in artikel 25l de aanvullende gegevens als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder e, h en i van het besluit worden overgelegd.

Indien een handelskennisgeving betrekking heeft op een tussenproduct met een beperkte blootstelling dat in een hoeveelheid van 100 ton of meer per jaar in de Europese Economische Ruimte wordt ingevoerd of ter beschikking gesteld, dan wel in een hoeveelheid van 500 ton of meer per fabrikant wordt vervaardigd, worden in ieder geval de volgende gegevens overgelegd:

Dit hoofdstuk is van toepassing op het in Nederland of in de Europese Economische Ruimte invoeren of aan een ander ter beschikking stellen van:

Indien met de daarvoor bedoelde testen niet kan worden bewezen dat is voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 26, toont de kennisgever dit op een andere wijze aan.

Bij een handelskennisgeving die betrekking heeft op een polymeer als bedoeld in artikel 26, worden ten minste de in de artikelen 29 tot en met 33 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de identiteit van het polymeer worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de produktie van het polymeer worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de toepassing van het polymeer worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de gevaren van het polymeer en de aanbevolen maatregelen worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van het polymeer worden de volgende gegevens overgelegd:

Bij een handelskennisgeving die betrekking heeft op ten minste 1000 kilogram van een polymeer als bedoeld in artikel 26, worden naast de in de artikelen 29 tot en met 33 bedoelde gegevens, ten minste de in de artikelen 35 tot en met 38 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van het polymeer:

Gegevens worden overgelegd met betrekking tot de methoden die geschikt zijn om zich met zo min mogelijk bezwaar voor mens of milieu te ontdoen van het polymeer in het afvalstadium bij industrie, ambacht of bij het algemene publiek, door:

Het onderzoek dat ten behoeve van een handelskennisgeving van een polymeer als bedoeld in hoofdstuk 2 of hoofdstuk 3 wordt verricht, kan worden uitgevoerd met toepassing van het familieconcept, bedoeld in artikel 39, mits de betrokken polymeerfamilie bestaat uit:

Bij een melding als bedoeld in artikel 10, tweede lid, onderdeel b, eerste streepje, van het besluit, worden ten minste de in de artikelen 42 en 43 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de identiteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de gevaren van de stof en de aanbevolen maatregelen worden de volgende gegevens overgelegd:

Bij een kennisgeving als bedoeld in artikel 3 van het besluit worden ten minste de in de artikelen 45 tot en met 52 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de identiteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de toepassing van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de aanbevolen maatregelen worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de fysisch-chemische eigenschappen van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de acute toxiciteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

De gegevens betreffende de subacute toxiciteit van de stof, bedoeld in artikel 3, eerste lid, tweede volzin, van het besluit betreffen de subacute toxiciteit van de stof bij herhaalde blootstelling gedurende 28 dagen langs de daarvoor het meest in aanmerking komende toedieningsweg.

Voorts worden gegevens overgelegd inzake de mutageniteit van de stof, te onderzoeken met een bacteriële en een niet-bacteriële onderzoekmethode.

Gegevens worden overgelegd met betrekking tot de methoden die geschikt zijn om zich met zo min mogelijk bezwaar voor mens of milieu te ontdoen van de stof in het afvalstadium bij industrie, ambacht of bij het algemene publiek, door:

Bij een melding als bedoeld in artikel 11, derde lid, van het besluit, worden ten minste de in de artikelen 54 tot en met 56 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de identiteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de toepassing van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de aanbevolen maatregelen worden de volgende gegevens overgelegd:

Bij een melding als bedoeld in artikel 10, tweede lid, onderdeel a, eerste en tweede streepje, van het besluit, worden ten minste de in de artikelen 59 en 60 bedoelde gegevens overgelegd.

Met betrekking tot de identiteit van de stof worden de volgende gegevens overgelegd:

Met betrekking tot de aanbevolen voorzorgsmaatregelen worden de volgende gegevens overgelegd:

Deze regeling treedt in werking met ingang van 20 juni 1994.

Deze regeling wordt aangehaald als:

Regeling inhoud kennisgevingen en meldingen Wet milieugevaarlijke stoffen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Punt 7.5 van de richtlijn luidt als volgt:

Criteria voor de evaluatie van gesloten systemen bij de verwerking van chemische stoffen

Bij de evaluatie van de installatie wordt een evalutie-index gebruikt. Met de evaluatie-index worden de verwerking van de stof en het daaruit voortvloeiende procesgebonden blootstellingspotentieel ingedeeld. De kennisgever onderzoekt de installatie of de installatie-eenheid teneinde de evaluatie-index te bepalen. Elk afzonderlijk functioneel onderdeel moet worden geëvalueerd.

Systemen worden als gesloten beschouwd als de evaluatie van alle beschikbare functionele onderdelen tot een evaluatie-index 0,5 leidt en als alleen functionele onderdelen van het gesloten type met gegarandeerde lekdichtheid of voorzien van een geïntegreerd afzuigventilatiesysteem betrokken zijn. Bovendien moet direct contact met de huid uitgesloten zijn.

In de verzameling voorbeelden is aan de desbetreffende functionele onderdelen de evaluatie-index 0,5 (vet gedrukt) toegekend.

Functionele onderdelen van het gedeeltelijk open type met een zeer effectief afzuigventilatiesysteem (waaraan ook de evaluatie-index 0.5 is toegekend maar in normaal lettertype) worden niet als gesloten in de zin van deze regel beschouwd.

Bij functionele onderdelen waaraan de evaluatie-index 1 is toegekend, is de veilige inachtneming van de grenswaarden niet altijd permanent gewaarborgd. Dergelijke functionele onderdelen zijn:

1 - gesloten type, lekdichtheid niet gegarandeerd,

1 - gedeeltelijk open type met een effectief afzuigventilatiesysteem.

Bij functionele onderdelen waaraan de evaluatie-index 2 of 4 is toegekend, is de inachtneming van de grenswaarden niet altijd gewaarborgd. Dergelijke functionele onderdelen zijn:

2. - gedeeltelijk open type, opening zoals bedoeld met een eenvoudig afzuigventilatiesysteem,

2. - open type met een eenvoudig afzuigventilatiesysteem,

4. - open type of gedeeltelijk open type,

4. - natuurlijke ventilatie

De verzameling voorbeelden in tabel 1 behorende bij punt 7.5 van de richtlijn (PbEG 2001, L 225, blz.320 tot en met 332) vergemakkelijkt de indeling van functionele onderdelen. Functionele onderdelen die niet in de verzameling voorbeelden zijn opgenomen, kunnen naar analogie met andere onderdelen worden ingedeeld. De installatie of installatie-eenheid wordt vervolgens ingedeeld volgens de evaluatie-index van het functionele onderdeel dat de hoogste evaluatie-index heeft gekregen.

Het gebruik van dit criterium vereist dat de vastgestelde procesparameters in acht worden genomen en dat de in de verzameling voorbeelden genoemde controles (bijv. keuring en onderhoud) worden uitgevoerd.