U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 09-05-2012.

Regeling · BWBR0006982

Warenwetbesluit Zuivel

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 25 oktober 1994, houdende het Warenwetbesluit ZuivelWarenwetbesluit ZuivelWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur van 11 mei 1994, nr DGVgz/VVP/L 94916, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Gelet op Verordening (EEG) nr 1411/71 van de Raad van 29 juni 1971 houdende aanvullende voorschriften voor de gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelprodukten met betrekking tot melk bestemd voor menselijke consumptie (PbEG L 148);

op Verordening (EEG) nr 1898/87 van de Raad van 2 juli 1987 betreffende de bescherming van de benaming van melk en zuivelprodukten bij het in de handel brengen (PbEG L 182);

op Richtlijn nr 76/118/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 18 december 1975 houdende onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten betreffende bepaalde voor menselijke voeding bestemde geheel of gedeeltelijk gedehydrateerde verduurzaamde melk (PbEG L 24);

op Richtlijn nr 79/1067/EEG van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 13 november 1979 tot vaststelling van communautaire analyse-methoden voor de controle van bepaalde voor menselijke voeding bestemde geheel of gedeeltelijk gedehydrateerde verduurzaamde melk (PbEG L 327);

op Richtlijn nr 83/417/EEG van de Raad van 25 juli 1983 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake bepaalde voor menselijke voeding bestemde melkeiwitten (caseïne en caseïnaten) (PbEG L 237);

op Richtlijn nr 85/503/EEG van de Commissie van 25 oktober 1985 betreffende analysemethoden inzake voor menselijke voeding bestemde caseïnen en caseïnaten (PbEG L 308);

op Richtlijn nr 92/46/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 16 juni 1992 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften voor de produktie en het in de handel brengen van rauwe melk, warmtebehandelde melk en produkten op basis van melk (PbEG L 268);

op Richtlijn nr 92/47/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 16 juni 1992 houdende vaststelling van de voorschriften voor het toestaan van tijdelijke en beperkte afwijkingen op de specifieke communautaire gezondheidsvoorschriften voor de produktie en het in de handel brengen van melk en produkten op basis van melk (PbEG L 268);

op artikel II van de Wijzigingswet 1988 Warenwet jo. de artikelen 14, 14a, 15, 16 en 16a van de Warenwet (Stb. 1935, 793);

alsmede op artikel 1, vierde lid, artikel 4, eerste lid, artikel 5, eerste lid, onder a en b, en zesde lid, artikel 6, onder d, artikel 8, onder a, b, c en d, artikel 9, onder b, en de artikelen 12, 13 en 14 van de Warenwet (Stb. 1988, 360);

Gezien het advies van de Adviescommissie Warenwet van 8 april 1994 met nummer 14 721/(21)5;

De Raad van State gehoord (advies van 1 augustus 1994, no. W13.94.0306);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 oktober 1994 met nummer DGVgz/VVP/L 942092, uitgebracht in overeenstemming met Onze Ministers van Economische Zaken en van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

s-Gravenhage25 oktober 1994BeatrixDe Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,E. Borst-Eilersde negenentwintigste november 1994De Minister van Justitie,W. Sorgdrager

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Vervallen

Vervallen

Bij de bereiding van kaas, geitenkaas en schapenkaas worden geen andere stremsels gebruikt dan:

Vervallen

De aanduiding karnemelk mag uitsluitend worden gebezigd voor het uitsluitend uit koemelk door doelmatige microbiologische verzuring verkregen vloeibare zuivelprodukt, met als kenmerkende eigenschappen:

Bij een in artikel 9, tweede lid, bedoelde aanduiding wordt een vermelding gebezigd inzake de naam van het desbetreffende land van bereiding, tenzij het een kaassoort betreft:

De aanduiding chocolademelk mag uitsluitend worden gebezigd voor het uit koemelk en, voor wat betreft het aromatiserende deel, door het toevoegen van cacaobestanddelen verkregen samengestelde vloeibare zuivelprodukt, met een totaal vetgehalte van ten minste 2,5%.

Van de aanduiding van een vloeibaar of dikvloeibaar produkt op basis van melk mag onderdeel uitmaken:

Ingetrokken worden:

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit Zuivel.

Lijst van namen van kaassoorten, waarvoor kaasstandaarden bestaan die aanvaard zijn door de Nederlandse Regering, gevolgd door het land van origine van die soort.

A In het kader van de FAO/WHO:

Brie (Frankrijk)

Butterkäse

Camembert (Frankrijk)

Cheshire kaas (Verenigd Koninkrijk)

Coulommiers (Frankrijk)

Danablu (Denemarken)

Danbo (Denemarken)

Emmentaler (Zwitserland)

Esrom (Denemarken)

Gruyère (Zwitserland en Frankrijk)

Harzer Käse of Harzer Kaas

Herrgardsost (Zweden)

Hushallsost (Zweden)

Limburger (België)

Norvegia (Noorwegen)

Provolone (Italië)

Romadur

Samsö (Denemarken)

Svecia (Zweden)

Tilsiter kaas

B Op grond van de Conventie van Stresa:

1. Uit de A-lijst:

Gorgonzola (Italië)

Parmigiano Reggiano (Italië)

Pecorino Romano (Italië)

Roquefort (Frankrijk)

2. Uit de B-lijst:

Adelost (Zweden)

Asiago (Italië)

Caciocavallo (Italië)

Elbo (Denemarken)

Fontina (Italië)

Fiore Sardo (Italië)

Fynbo (Denemarken)

Harvarti (Denemarken)

Maribo (Denemarken)

Mycella (Denemarken)

Noekkelost (Noorwegen)

Saint-Paulin (Frankrijk)

Sbrinz (Zwitserland)

Tybo (Denemarken)