Op de voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken van 23 november 1995, nr. AD95/U1120 directoraat-generaal Management en Personeelsbeleid, directie Personeelsmanagement Rijksdienst, afdeling Arbeidsvoorwaarden en Sociaal Beleid;
Gelet op artikel 125, eerste lid, van de Ambtenarenwet;
De Raad van State gehoord (advies van 19 december 1995, nr.W04.95.0645);
Gezien het nader rapport van de Minister van Binnenlandse Zaken van 16 januari 1996, nr. AD95/U1325, directoraat-generaal Management en Personeelsbeleid, directie Personeelsmanagement Rijksdienst, afdeling Arbeidsvoorwaarden en Sociaal Beleid;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage23 januari 1996BeatrixDe Minister van Binnenlandse Zaken,H. F. Dijkstalde zesde februari 1996De Minister van Justitie,W. SorgdragerBevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Bevat wijzigingen in andere regelgeving.
Aan de ambtenaar die voor 1 januari 1996 is aangewezen als herplaatsingskandidaat, kan ook na inwerkingtreding van dit besluit eervol ontslag worden verleend op de voet van artikel 96 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement zoals dat voor de inwerkingtreding van dit besluit gold.
De ambtenaar die een aanspraak heeft op een tegemoetkoming in de rente- of huurkosten op grond van het Verplaatsingskostenbesluit 1989, wordt ook na inwerkingtreding van dit besluit op de voet van de artikelen 12c en 12d van het Verplaatsingskostenbesluit 1989 de tegemoetkoming in de rente of huurkosten toegekend.
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 1996. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 1995, treedt het in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met 1 januari 1996.