Ministeriële regeling · BWBR0008026

Subsidieregeling diergezondheid 1996

Wijzigingen Officiële bron
Subsidieregeling diergezondheid 1996Subsidieregeling diergezondheid 1996De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

Besluit

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage7 mei 1996De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,Voor deze:De directeur-generaal Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, J.F. de Leeuw

In deze regeling wordt verstaan onder:

minister:

Minister van Landbouw, Natuurbeheer Visserij;

bedrijf:

onderneming die activiteiten verricht met betrekking tot dieren of dierlijke produkten;

dier:

dier dat bedrijfsmatig wordt gehouden en dat andere dieren of dierlijke produkten voortbrengt;

dierlijke produktieketen:

opeenvolgende schakels van voortbrengen, be- of verwerken en verhandelen van dieren of dierlijke produkten;

project:

samenhangend geheel van activiteiten gericht op verbetering van de kwaliteit van diergezondheid door middel van fundamenteel onderzoek, industrieel basisonderzoek of toegepast onderzoek en ontwikkeling;

PMT DIB:

Programma Management Team Diergezondheid in Beweging, Postbus 20401, 2500 EK, ’s Gravenhage;

toegepast onderzoek en ontwikkeling:

onderzoek of experimenten gericht op het verwerven van nog niet bestaande kennis benodigd voor het verbeteren van de kwaliteit van de diergezondheid, met inbegrip van proef- en demonstratieprojecten en met uitsluiting van bedrijfsmatige toepassing of commerciële exploitatie;

fundamenteel onderzoek :

onderzoek voor de uitbreiding van de algemene kennis van wetenschap en techniek dat niet in verband staat met bedrijfsmatige of commerciële doelstellingen;

industrieel basisonderzoek:

oorspronkelijk theoretisch of experimenteel onderzoek dat tot doel heeft een nieuw of beter inzicht te verwerven in de wetten van de wetenschap en techniek zoals die voor de dierlijke produktieketen van toepassing zijn;

gezondheidsplanner:

managementinstrument ten behoeve van de planning, uitvoering en evaluatie van de diergezondheidszorg op een bedrijf.

De minister kan op aanvraag een subsidie verlenen in de kosten van een innovatief project dat naar zijn oordeel kan leiden tot een hoger niveau van diergezondheid in Nederland en daardoor tot een beter technisch en economisch perspectief van en continuïteit binnen bedrijven.

Voor subsidieverlening komen slechts in aanmerking:

Indien de aanvraag tot subsidieverlening betrekking heeft op een project van een samenwerkingsverband wordt één van de deelnemers tot het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening gemachtigd.

Een subsidie kan worden verleend voor projecten die uitsluitend ten doel hebben:

Onverminderd het eerste lid komen slechts projecten voor een subsidieverlening in aanmerking:

Geen subsidie wordt verleend voor projecten waarvoor reeds verplichtingen zijn aangegaan voor de datum van ontvangstbevestiging van de aanvraag. Na deze datum kan de aanvrager het project voor eigen rekening en risico beginnen.

Als subsidiabele kosten worden uitsluitend aangemerkt de volgende kosten, voorzover zij noodzakelijk en rechtstreeks aan het project toe te rekenen zijn:

Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 4:57 van de Algemene wet bestuursrecht of artikel 6 van de Kaderwet LNV-subsidies, worden terug te vorderen bedragen vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment van terugvordering tot aan het moment van algehele voldoening.

De minister wijst ambtenaren aan die zijn belast met het toezicht op de naleving van deze regeling.

Deze regeling wordt in ieder geval vóór 1999 in haar geheel geëvalueerd.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt- geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling diergezondheid 1996