Ministeriële regeling · BWBR0008169

Regeling registratie houders aanvullende machtiging

Wijzigingen Officiële bron
Regeling registratie houders aanvullende machtigingRegeling registratie houders aanvullende machtigingDe Minister van Verkeer en Waterstaat,

Gelet op artikel V, onderdeel B, eerste lid, van de Wet van 28 maart 1996, Staatsblad nr. 320, houdende wijziging van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen, de Mediawet, de Radio-Omroep-Zender-Wet 1935 en het Wetboek van Strafvordering in verband met de liberalisering van kabelgebonden telecommunicatie-inrichtingen (kabelgebonden telecommunicatie);

Besluit:

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, A.Jorritsma-Lebbink

Een registratie als bedoeld in artikel 7a, derde lid, van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen is vereist van degene die telecommunicatiediensten voor derden verzorgt op grond van een aanvullende machtiging als bedoeld in artikel 22, derde lid, van de Wet op de telecommunicatievoorzieningen, zoals deze wet luidde voor de wijziging van 28 maart 1996, Staatsblad nr. 320.

De houder van een aanvullende machtiging als bedoeld in het eerste lid wordt geacht te zijn geregistreerd krachtens de machtiging die op grond van artikel 21 van de de Wet op de telecommunicatievoorzieningen is verleend.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 15 juli 1996 en wordt aangehaald als: Regeling registratie houders aanvullende machtiging.