Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 6 oktober 1997, houdende regels inzake inpassing van de arbeid en de begeleiding op de werkplek van werknemers met een indicatie sociale werkvoorziening (Besluit arbeidsinpassing en begeleiding sociale werkvoorziening)Besluit arbeidsinpassing en begeleiding sociale werkvoorzieningWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 8 juli 1997, directie Arbeidsmarkt, nr. AM/RAW/97/1421;

Gelet op de artikel 7, tweede lid, van de Wet sociale werkvoorziening;

De Raad van State gehoord (advies van 12 augustus 1997, no. W12.97.0414);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 1 oktober 1997, directie Arbeidsmarkt nr. AM/RAW/97/1946;

Hebben goed gevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit en de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage6 oktober 1997 Beatrix De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, A. P. W. Melkert zestiende oktober 1997 De Minister van Justitie, W. Sorgdrager

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Bij ministeriële regeling wordt jaarlijks vastgesteld welk deel van de door het gemeentebestuur op te vullen ruimte voor het aangaan van nieuwe dienstbetrekkingen of arbeidsovereenkomsten als bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van de wet, ten minste wordt gebruikt voor het bij voorrang aangaan van arbeidsovereenkomsten, voor zover hiervoor betrokkenen beschikbaar zijn.

Voor betrokkene met een arbeidsovereenkomst als bedoeld in hoofdstuk 3 van de wet worden gemiddeld niet meer uren aan inpassing in de arbeid, met inbegrip van begeleiding op zijn werkplek vergoed dan correspondeert met 15% van het aantal door de desbetreffende werknemer voor de werkgever gewerkte uren.

Indien betrokkene een arbeidsovereenkomst is aangegaan kan hij het gemeentebestuur gemotiveerd verzoeken een andere begeleidingsorganisatie in te schakelen voor begeleiding op zijn werkplek, dan wel het gemeentebestuur gemotiveerd verzoeken voor arbeidsinpassing ten behoeve van een andere arbeidsovereenkomst en begeleiding op zijn werkplek zorg te dragen. Het gemeentebestuur willigt het verzoek van betrokkene in, tenzij het verzoek kennelijk onredelijk is. Artikel 4, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit arbeidsinpassing en begeleiding sociale werkvoorziening.