Op de voordracht van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 26 mei 1997, nr. MJZ97102554, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Gelet op artikel 81 van de Woningwet en artikel 39 van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing;
De Raad van State gehoord (advies van 19 augustus 1997, nr. W08.97.0301);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 30 september 1997, nr. MJZ 97556134, Centrale Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad wordt geplaatst.
's-Gravenhage6 oktober 1997 Beatrix De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, D. K. J. Tommel de eenentwintigste oktober 1997 De Minister van Justitie, W. SorgdragerWijzigt het Besluit woninggebonden subsidies 1995.
Een ministeriële regeling als bedoeld in artikel 19, tweede lid, eerste volzin, van het Besluit woninggebonden subsidies 1995 die betrekking heeft op het ten hoogste toegestane resterende bedrag op 31 december 1997, kan in afwijking van die volzin tot uiterlijk 1 december 1997 worden bekendgemaakt.
Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer kan, uiterlijk zes maanden na de ontvangst van de volledige in artikel 28 van het Besluit woninggebonden subsidies 1995 bedoelde bescheiden die op het jaar 1996 betrekking hebben, naar aanleiding van die bescheiden een besluit tot toekenning van een budget op voet van genoemd besluit geheel of gedeeltelijk intrekken. Hij kan daartoe overgaan, voor zover naar zijn oordeel op 31 december 1996, na vermindering van de niet bestede gelden met een bedrag ter hoogte van het toegekende budget ter uitvoering van het programma voor 1997, een hoger bedrag resteerde dan het bedrag ter hoogte van het budget dat op voet van het in de eerste volzin genoemde besluit ter uitvoering van het programma voor 1995 is toegekend. De artikelen 19, eerste lid, aanhef en onderdeel a, en tweede en derde lid en 30, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van het in de eerste volzin genoemde besluit blijven in zoverre buiten toepassing.
De eerste en tweede volzin van het eerste lid zijn niet van toepassing op ontvangers in de zin van het Besluit woninggebonden subsidies 1995 voor welke die toepassing tot gevolg zou hebben dat het ten hoogste toegestane resterende bedrag lager is dan het ingevolge artikel 19, eerste lid, onderdeel a, van dat besluit ten hoogste toegestane resterende bedrag.
Wijzigt dit besluit.
Wijzigt het Besluit op de stads- en dorpsvernieuwing.
Wijzigt het Besluit locatiegebonden subsidies.
De artikelen I, IV en V treden in werking met ingang van de dag die twee maanden ligt na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst.
De artikelen II en III treden in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst.