Ministeriële regeling · BWBR0009152

Bewapeningsregeling politie

Wijzigingen Officiële bron
Regeling van de Ministers van Binnenlandse Zaken en van Justitie, houdende vaststelling van de bewapening van de politie (Bewapeningsregeling Politie)Bewapeningsregeling politie

De Ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken,

Gelet op artikel 49, eerste lid, van de Politiewet 1993;

Besluiten:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage15 december 1997 De Minister van Binnenlandse Zaken, H.F.Dijkstal

In deze regeling wordt verstaan onder:

De bewapening van de ambtenaar, met inbegrip van de surveillant van de politie, die dienst doet met een politiesurveillance-hond, bestaat mede uit een elektrische wapenstok en een lange wapenstok van een door de Minister goedgekeurd merk en type.

De bewapening van de ambtenaar die behoort tot een bereden onderdeel, bestaat mede uit:

De bewapening van de ambtenaar die behoort tot de mobiele eenheid, bestaat mede uit:

Vervallen

De korpsbeheerder kan in bijzondere, door het bevoegd gezag aangegeven situaties toestaan dat de ambtenaar tijdelijk mede wordt bewapend met:

Onverminderd de artikelen 2 tot en met 11 kan de Minister aan door hem aangewezen ambtenaren andere dan de in deze regeling genoemde wapens en munitie toekennen.

Vervallen

Vervallen

De korpsbeheerder draagt er zorg voor dat de ambtenaar, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a en c, van de Politiewet 1993, slechts over een wapen beschikt indien hij voldoet aan de door de Minister gestelde eisen van bekwaamheid.

De artikelen 9, eerste lid, 14, eerste lid, 22, eerste lid en 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie zijn niet van toepassing op personen die werkzaam zijn bij Politie Nederland of bij het Landelijk selectie- en opleidingsinstituut politie, Politie onderwijs- en kenniscentrum, bedoeld in artikel 2 van de Wet op het LSOP en het politieonderwijs, voor zover de in die artikelleden genoemde handeling of het voorhanden hebben geschiedt uit hoofde van de dienstuitoefening.

Na de inwerkingtreding van deze regeling berusten de krachtens de Bewapeningsregeling politie van 25 maart 1994 (Stcrt. 1994, 64) vastgestelde besluiten op deze regeling.

De Bewapeningsregeling politie van 25 maart 1994 (Stcrt. 1994, 64) wordt ingetrokken.

Deze regeling wordt aangehaald als: Bewapeningsregeling politie.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Vervallen