Ministeriële regeling · BWBR0009203

Regeling niet-reinigbaar straalgrit

Wijzigingen Officiële bron
Regeling niet-reinigbaar straalgritRegeling niet-reinigbaar straalgritDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op artikel 7 van het Besluit stortverbod afvalstoffen (Stb 1997, 665);

besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage18 december 1997 De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Margaretha deBoer

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.NEN:

door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm;

b.NVN:

door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven voornorm;

c. NEN-EN:

door de European Committee for Standardization en de European Committee for Electrotechnical Standardization uitgegeven norm die door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut is aanvaard als Nederlandse norm;

d.NEN-ISO:

door de International Organization for Standardization uitgegeven norm die door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut is aanvaard als Nederlandse norm;

e. VPR:

door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven Voorlopige Praktijk Richtlijn;

f. polycyclische aromatische koolwaterstoffen:

naftaleen, anthraceen, fenantreen, chryseen, benzo(a)anthraceen, fluorantheen, benzo(a)pyreen, benzo(k)fluorantheen, indeno(1,2,3-cd)pyreen en benzo(ghi)peryleen;

g. organotin:

het organisch gebonden tin dat extraheerbaar is met petroleumether;

h. de concentratie van een stof in een partij:

de gemiddelde concentratie van een stof in een partij;

i.partij:

een hoeveelheid straalgrit die uit het oogpunt van haar wijze van opslag en uit het oogpunt van haar (deel)-proces van oorsprong als een eenheid wordt beschouwd.

Straalgrit is niet-reinigbaar indien:

De gewichtsprocenten en de concentratie van de stoffen, bedoeld in artikel 2, worden gemeten door een onderzoekslaboratorium overeenkomstig de methode die is aangegeven in de bijlage.

Met de in deze regeling genoemde normen en richtlijnen worden gelijkgesteld normen en richtlijnen die zijn vastgesteld in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend verdrag dat Nederland bindt, en een beschermingsniveau bieden dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale eisen wordt nagestreefd.

Na inwerkingtreding van deze regeling worden de met toepassing van de Regeling niet-reinigbaar straalgrit (Stcrt. 1996, 121) vastgestelde besluiten aangemeld als besluiten, vastgesteld met toepassing van deze regeling.

De Regeling niet-reinigbaar straalgrit berust op artikel 9 van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen.

De Regeling niet-reinigbaar straalgrit (Stcrt. 1996, 121) wordt ingetrokken.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling niet-reinigbaar straalgrit.

Het onderzoekslaboratorium vermeldt in een schriftelijk verslag van de meting ten minste:

De ontdoener bewaart het schriftelijk verslag gedurende een periode van ten minste drie jaar nadat de meting is uitgevoerd.

Voor het vaststellen van het gewichtspercentage droge zeeffractie en de concentratie van de stoffen worden:

Een onderzoekslaboratorium stelt het mengmonster samen.

Een onderzoekslaboratorium meet het gewichtspercentage droge zeeffractie en deconcentratie van de stoffen.

Bij het vaststellen of zich een situatie voordoet, bedoeld in artikel 2, onder a, wordt:

Bij het vaststellen of zich een situatie voordoet, bedoeld in artikel 2, onder b, wordt:

Bij het vaststellen van de concentratie van de stoffen, bedoeld in artikel 2, onder c, 1°, 2°, 3°, 4°, 5°, 6° en 7° vindt ontsluiting plaats door 10 gram straalgrit gedurende 10 minuten te koken met 50 ml 4M zoutzuur.

Bij het vaststellen van de concentratie van de stoffen, bedoeld in artikel 2 onder c, 1°, 2°, 3°, 4°, 5°, 6° en 7°, wordt gebruik gemaakt van de VPR C 88-01, uitgave september 1988, met dien verstande dat in deze VPR voor "grond" wordt gelezen: straalgrit.

Bij het vaststellen van de concentratie van stoffen, bedoeld in artikel 2, onder c, 8°, 9° en 10°, wordt gebruik gemaakt van de VPR C 88-11, uitgave september 1988, met dien verstande dat in deze VPR voor "grond" wordt gelezen: straalgrit.

Bij het vaststellen van de concentratie van stoffen, bedoeld in artikel 2, onder c, 11°, wordt gebruik gemaakt van de NEN 5735, uitgave juli 1995, met dien verstande dat voor "grond" wordt gelezen: straalgrit.