Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 24 december 1997 tot instelling van kamers van koophandel en fabrieken, tot vaststelling van hun gebieden en de grootte van hun algemeen bestuur (Besluit instelling, gebiedsindeling en bestuursgrootte kamers van koophandel en fabrieken)Besluit instelling, gebiedsindeling en bestuursgrootte kamers van koophandel en fabriekenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 8 oktober 1997, nr. 97061802 WJA/W;

Gelet op de artikelen 2, tweede en derde lid, en 7, tweede lid, van de Wet op de kamers van koophandel en fabrieken 1997;

Gezien het advies van de Commissie gebiedsindeling kamers van koophandel en fabrieken van 30 september 1996 en de inzichten van de kamers die betrokken zijn bij een gebiedswijziging;

De Raad van State gehoord (advies van 11 december 1997, nr. W10.97.0655);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 17 december 1997, nr. 97079441 WJA/W;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Het Oude Loo24 december 1997 Beatrix De Staatssecretaris van Economische Zaken, A. van Dok-van Weele de dertigste december 1997 De Minister van Justitie, W. Sorgdrager

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder wet: Wet op de kamers van koophandel en fabrieken 1997

Er is een kamer voor onderscheidenlijk het gebied dat omvat:

Vervallen

In geval van instelling of opheffing van een kamer dan wel van wijziging van het gebied van een kamer regelt Onze Minister zo nodig de overgang van rechten, lasten, verplichtingen en bezittingen van de betrokken kamers.

In geval van instelling van een kamer of van wijziging van het gebied van een kamer bepaalt Onze Minister ter zake van de benoeming voor de eerste maal van de leden van het algemeen bestuur, van welke kamer of kamers het algemeen bestuur bevoegd is voor de toepassing van de artikelen 10, tweede lid, en 11, vierde lid, van de wet.

In geval van instelling van een kamer worden in afwijking van artikel 45 of 51 van de wet, de eerste begroting en het eerste activiteitenplan binnen zes weken na de instelling vastgesteld, voor een periode eindigende, al naar gelang Onze Minister bepaalt, bij het verstrijken van het lopende kalenderjaar, hetzij één jaar daarna.

Vervallen

Vervallen

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de wet in werking treedt.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit instelling, gebiedsindeling en bestuursgrootte kamers van koophandel en fabrieken.