Wijzigingen Officiële bron
Mandaatbesluit Subsidieregeling niet-industriële restwarmte-infrastructuurMandaatbesluit Subsidieregeling niet-industriële restwarmte-infrastructuurDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Gelet op de instemming van de algemeen directeur van het Agentschap Senter en de algemeen directeur van de Nederlandse Onderneming voor Energie en Milieu B.V.;

Besluit:

Dit besluit wordt bekend gemaakt door toezending aan de gemandateerde en door plaatsing in de Staatscourant.

’s-Gravenhage11 augustus 1998De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.P.Pronk

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. het Projectbureau:

het Projectbureau CO2-reductieplan, zijnde een samenwerkingsverband van het Agentschap Senter en de Nederlandse Onderneming voor Energie en Milieu B.V.;

b. de regeling:

de Subsidieregeling niet-industriële restwarmte-infrastructuur.

De projectleider van het Projectbureau wordt gemachtigd, met recht van substitutie, om namens de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer in het kader van de regeling:

Aan het hoofd Juridische Zaken van het Agentschap Senter en bij afwezigheid diens plaatsvervanger wordt mandaat verleend tot het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, alsmede machtiging voor het afdoen van alle daarop betrekking hebbende stukken.

Aan de directeur Lucht en Energie van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer wordt de bevoegdheid verleend om per geval of in het algemeen instructies te geven aan de gemandateerde ter zake van de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheid, met inachtneming van het bepaalde in de regeling. De gemandateerde oefent zijn bevoegdheden uit met inachtneming van deze instructies.

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het is geplaatst.

Dit besluit kan worden aangehaald als: Mandaatbesluit Subsidieregeling niet-industriële restwarmte-infrastructuur.