Wijzigingen Officiële bron
Wet van 24 december 1998, houdende regelen ter beheersing en versnelling van de procedures inzake de aanleg van de vijfde baan van de Luchthaven Schiphol (Wet procedures vijfde baan Schiphol)Wet procedures vijfde baan SchipholWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is met het oog op een versnelde aanleg en gebruik van de vijfde baan ten behoeve van het luchtvaartterrein Schiphol en de rechtstreeks daarmee verband houdende voorzieningen wettelijke maatregelen te treffen, erop gericht dat de onderscheidene procedures die daartoe nog doorlopen moeten worden, beter kunnen worden beheerst en sneller kunnen worden afgerond dan het geval is op grond van de reguliere wetgeving;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage24 december 1998 Beatrix De Minister van Verkeer en Waterstaat, T. Netelenbos-Koomen De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer a.i., J. W. Remkes zesentwintigste januari 1999 De Minister van Justitie, A. H. Korthals

In deze wet wordt verstaan onder:

Op de voorbereiding van de in artikel 6 bedoelde besluiten is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing, met dien verstande dat:

Indien bij de toepassing van artikel 8 de beslissing op een aanvraag wordt genomen door Onze in dat artikel bedoelde Ministers, stort het bestuursorgaan dat in eerste aanleg bevoegd was te beslissen op de aanvraag, de ter zake ontvangen leges in 's Rijks kas.

De in de artikelen 4, eerste lid, 8 en 19, eerste en tweede lid, bedoelde besluiten worden door Onze Minister bekendgemaakt. Zij worden voorts in de Staatscourant geplaatst.

Onteigening van onroerende zaken en van rechten als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de onteigeningswet ten behoeve van werken niet voor de luchtvaart, welke met het oog op de rechtstreeks met de aanleg van de vijfde baan van Schiphol verband houdende voorzieningen dienen te worden onteigend, geschiedt ingevolge het besluit, bedoeld in artikel 72a van de onteigeningswet.

Het vonnis van onteigening van de rechtbank kan slechts in de openbare registers worden ingeschreven nadat de Planologische Kernbeslissing en de Aanwijzing Schiphol onherroepelijk zijn geworden.

Indien bij de uitvoering van werken, ten aanzien waarvan een of meer besluiten als bedoeld in artikel 4 zijn genomen, blijkt, dat voor de uitvoering toepassing van de Belemmeringenwet Privaatrecht nodig is en de noodzaak van die toepassing in redelijkheid niet was te voorzien, kan Onze Minister een duurzame of tijdelijke verplichting opleggen als bedoeld in artikel 2, vijfde lid, van die wet. Aan de verplichting kunnen voorwaarden of beperkingen worden verbonden.

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.

Deze wet wordt aangehaald als: Wet procedures vijfde baan Schiphol.