Ministeriële regeling · BWBR0010195

Regeling betrouwbaarheids- en geschiktheidsonderzoek politie

Wijzigingen Officiële bron
Regeling uitvoering antecedentenonderzoek door de politieRegeling betrouwbaarheids- en geschiktheidsonderzoek politieDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Gelet op artikel 8c van het Besluit algemene rechtspositie politie en artikel 4c van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie;

Besluit:

’s-Gravenhage8 januari 1999 De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, A. Peper

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.bevoegd gezag:

het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel l, van het Besluit algemene rechtspositie politie;

b.onderzoek:

het onderzoek naar de betrouwbaarheid en geschiktheid, bedoeld in de artikelen 8a en 8b van het Besluit algemene rechtspositie politie, voor zover ten behoeve van dat onderzoek wordt gevraagd om verstrekking van justitiële gegevens als bedoeld in artikel 23 van het Besluit justitiële gegevens en om verstrekking van gegevens als bedoeld in artikel 14 van het Besluit politieregisters;

c.betrokkene:

degene ten aanzien van wie een onderzoek wordt uitgevoerd.

Het onderzoek omvat het inwinnen van gegevens over betrokkene uit:

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling betrouwbaarheids- en geschiktheidsonderzoek politie.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.