U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-07-2020.

Regeling · BWBR0010646

Uitvoeringsbesluit WEB

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 6 augustus 1999, houdende vaststelling van de algemene berekeningswijze van de rijksbijdrage voor het beroepsonderwijs, de educatie en de landelijke organen, alsmede vaststelling van voorschriften over het informatieverkeer, bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs (Uitvoeringsbesluit WEB)Uitvoeringsbesluit WEBWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordrachten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen van 8 maart 1999, nr. 1998/8716 (3704) en van 31 maart 1999, nr. 1999/14257 (3693), directie Wetgeving en Juridische Zaken, de eerste voordracht gedaan mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Gelet op de artikelen 2.2.1, eerste lid en vijfde lid, 2.2.4, vierde lid, 2.2.12, tweede lid, 2.3.1, eerste en derde lid, 2.3.6, tweede en derde lid, 2.4.1, eerste en tweede lid, 2.4.2, vierde lid, 2.5.3, negende lid, 2.5.5, tweede en derde lid, 2.5.10, eerste lid, en 2.6a van de Wet educatie en beroepsonderwijs, alsmede artikel 19, vijfde lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs;

De Raad van State gehoord (adviezen van 29 april 1999, nr. W05.99.0160/II en van 6 mei 1999, nr. W05.99/0111/III);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, van 22 juli 1999, nr. 1999/30854 (3704), directie Wetgeving en Juridische Zaken, uitgebracht mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage6 augustus 1999Beatrix De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,L. M. L. H. A. Hermans De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,L. J. Brinkhorstde tweede september 1999De Minister van Justitie,A. H. Korthals

In dit besluit wordt verstaan onder:

Vervallen

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Dit hoofdstuk is van toepassing op instellingen als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b, onder 1°, van de wet.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Binnen het raam van de door de begrotingswetgever voor het desbetreffende kalenderjaar beschikbaar gestelde middelen, stelt Onze Minister jaarlijks de omvang vast van het landelijk beschikbare budget voor de exploitatiekosten en huisvestingskosten voor het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs.

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

Dit hoofdstuk heeft betrekking op opleidingen educatie als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onder b tot en met f, van de wet.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Bij een wijziging van de gemeentelijke indeling of een grenscorrectie als bedoeld in de Wet algemene regels herindeling worden de gegevens waarmee de berekeningen op grond van artikel 3.2.1 worden uitgevoerd, vastgesteld op basis van een redelijke schatting van de toestand van die gegevens zoals die zou zijn geweest als de wijziging op de datum waarop die gegevens betrekking hebben, reeds was ingegaan.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Het bevoegd gezag maakt gebruik van het burgerservicenummer van een lid van het personeel of gewezen personeel van de instelling bij de gegevensverstrekking, bedoeld in bijlage 1 en bijlage 4 bij dit besluit.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De bepalingen van dit hoofdstuk hebben betrekking op:

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

Bij ministeriële regeling kan in bijzondere gevallen een aanvullende vragenlijst ten aanzien van bekostiging worden vastgesteld ter beantwoording door het bevoegd gezag van een instelling.

Treedt op een later tijdstip in werking.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

De gegevens die worden geleverd en verwerkt voor het lerarenregister en het registervoorportaal worden gedefinieerd en geordend volgens de voorschriften vermeld in bijlage 1 bij dit besluit.

De levering van gegevens voor het lerarenregister en het registervoorportaal en de wijze waarop een docent die niet is benoemd of tewerkgesteld zonder benoeming ten behoeve van opname in het lerarenregister kan aantonen aan de bekwaamheidseisen te voldoen geschiedt overeenkomstig bijlage 4 dit besluit.

De bepalingen van dit hoofdstuk hebben betrekking op instellingen als bedoeld in de artikelen 1.1.1, onderdeel b, 12.3.8 en 12.3.9 van de wet.

Vervallen

Het personeel en het gewezen personeel van instellingen zijn in elk geval belanghebbende in de zin van dit hoofdstuk.

Indien een instelling de taken beëindigt en een rechtsopvolger ontbreekt, waaronder tevens is begrepen het geval van een onherroepelijk vonnis tot faillietverklaring van de desbetreffende instelling, voorzien de bevoegde gezagsorganen van de overige instellingen er gezamenlijk in dat aan de verplichtingen jegens het personeel en het gewezen personeel die uit de wet- en regelgeving voortvloeien, wordt voldaan. De toepassing van de eerste volzin geschiedt met inachtneming van het bepaalde over vermindering van de rijksbijdrage in verband met de kosten van uitkeringen voor gewezen personeel van een instelling die de taken beëindigt in de ministeriële regeling op grond van artikel 12.3.48 van de wet.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Indien 12% van de rijksbijdrage voor exploitatiekosten en huisvestingskosten beroepsonderwijs voor een kalenderjaar voor een instelling, vermeerderd met het gedeelte van de rijksbijdrage, berekend op grond van artikel 2.4.1, minder bedraagt dan het op grond van artikel 3 of artikel 4, alsmede in voorkomende gevallen op grond van artikel 7 of artikel 8, van de Regeling bekostiging huisvesting bve-sector 1999 zoals deze luidde op 31 december 1999, voor het desbetreffende kalenderjaar vastgestelde bedrag voor de desbetreffende instelling, ontvangt de instelling voor het desbetreffende kalenderjaar een aanvulling tot dat bedrag.

Vervallen

Vervallen

Op deze paragraaf is artikel 2b.1.1 van toepassing.

Vervallen

Vervallen

Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit WEB.

Deze bijlage bevat een programma van eisen of gegevenswoordenboek, waarin de personeelsgegevens worden gespecificeerd die het bevoegd gezag verplicht is aan de overheid te leveren, krachtens artikel 2.3.6, tweede lid, en artikel 2.5.5, tweede lid, van de WEB en artikelen 5.2.1 en 5.2.2 van het Uitvoeringsbesluit WEB.

In dit programma van eisen staat per gegeven de technische uitwerking, zoals die dient voor de uitwisseling van het gegeven tussen de instellingen en de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO). Het gaat hierbij om de gegevens zoals die door de instellingen of hun salarisadministrateur worden vastgelegd. De levering van deze gegevens is noodzakelijk voor bekostiging, monitoring, beleidsontwikkeling en -evaluatie en het lerarenregister en het registervoorportaal.

De specificatie van de gegevens is verdeeld over de volgende onderdelen.

De gegevens over personeel worden door DUO verzameld op het niveau van arbeidsrelaties en op het niveau van het bevoegd gezag. Gegevens op het niveau van de arbeidsrelaties worden vastgelegd in de Basisregistratie Personeel (BRP). Voor het beleid van OCW en EL&I – en in het bijzonder het arbeidsmarktbeleid voor de sector Onderwijs – is het noodzakelijk dat landelijke ontwikkelingen kunnen worden gevolgd.

In bijlage 4 worden de voorschriften voor beschikbaarstelling uiteengezet.

Over de sectoren heen dienen begrippen zoveel mogelijk op dezelfde wijze geïnterpreteerd te worden. Daarom wordt ernaar gestreefd de begripsbepalingen m.b.t. de op te vragen gegevens, binnen de onderscheiden sectoren po, vo en bve, zo veel mogelijk op elkaar af stemmen.

De typering van de functie vindt plaats aan de hand van de volgende toedeling:

Algemene opmerking

Een functionaris met meerdere taken dient te worden ondergebracht onder de functiecategorie waar hij/zij het grootste aandeel heeft qua werkzaamheden.

Management

Onder 1) management wordt verstaan:

Voorbeelden:

voorzitter CvB, Lid CvB, directeur, officemanager, bestuurssecretaris, domeindirecteur, sectormanagers, regiodirecteur, locatiemanagers, managers van clusters van opleidingen, directiesecretaresse.

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie: managers die verantwoordelijk zijn voor ondersteunende dienst(en), zoals hoofd facilitaire dienst, hoofd ICT en ook operationeel management in het primair proces (teammanager, opleidingsmanager), secretariële ondersteuning voor operationeel primair proces en ondersteunende diensten.

Management met onderwijskundige taak

Onder 6) Management met een onderwijskundige taak wordt verstaan: medewerkers die een leidinggevende functie uitvoeren in het primaire proces.

Voorbeelden:

teamleider, onderwijsmanager, opleidingsmanager, onderwijscoördinator.

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie:

directeur, docenten die regisserende taken hebben in een team en zijn benoemd in LB, LC, LD of LE, sectormanagers, clustermanagers, locatiemanagers, domeinmanagers.

Leraar

Onder 9) Leraar wordt verstaan: medewerkers die zijn benoemd in één van de docentfuncties: LB, LC, LD of LE en waarvoor de benoembaarheidseisen van de WEB van toepassing zijn.

Voorbeelden:

leraar, docent, regisseur binnen een onderwijsteam.

Leraar in opleiding

Onder 10) Leraar in opleiding wordt verstaan: de laatstejaarsstudenten van de lerarenopleiding bedoeld in artikel 4.2.2., eerste lid onder a, van de WEB, die aan een instelling voor beroepsonderwijs en volwasseneneducatie worden benoemd op de leerarbeidsplaats.

Voorbeelden:

Leraar in opleiding.

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie:

Leraar.

Onderwijs assisterende functie

Onder 12) Onderwijsassisterende functie wordt verstaan: medewerkers die veelal zonder bevoegdheid en altijd onder verantwoordelijkheid van de docent assisterende werkzaamheden verrichten voor, tijdens en na de lessen. De activiteiten van deze medewerkers zijn bijvoorbeeld opstellen van benodigde apparatuur, klaarleggen van materialen, het instrueren van leerlingen over het gebruik van gereedschap, het controleren van gereedschap en het uitvoeren van administratieve handelingen behorende bij het primaire proces. Ook de ICT-medewerkers die ondersteuning bieden bij de lessen behoren tot deze categorie indien de meerderheid van hun taken het bieden van ondersteuning bij de lessen is.

Voorbeelden:

(technisch) onderwijsassistent, docentassistent.

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie:

Leraar.

Deelnemers begeleidende functies

Onder 13) Deelnemers begeleidende functie wordt verstaan: medewerkers die een directe relatie hebben met de deelnemer, maar nog niet in de eerder genoemde categorieën zijn op te nemen zoals loopbaanadviseurs voor leerlingen, zorggerelateerde medewerkers en BPV-begeleiders.

Deze medewerkers voeren werkzaamheden uit zoals het begeleiden en adviseren van deelnemers middels doorverwijzing naar studie- en beroepskeuze met behulp van beroepskeuzetesten, assessments, testen en intakegesprekken. Daarnaast adviseren zij bij heroriëntatie van deelnemers betreffende andere opleidingsmogelijkheden zowel intern als extern. Tevens begeleiden ze deelnemers bij de doorverwijzing naar een vervolgstudie, beroepskeuze en werk. Of zij begeleiden de deelnemers op de praktijkplaats, assisteren deelnemers bij het vinden van een stageplaats, leggen contacten en voeren gesprekken met organisaties over de inhoud van de stages en zorgen voor het afsluiten van de bijbehorende contracten.

Voorbeelden:

loopbaanadviseurs, psychologen, psychologische medewerker, maatschappelijk werkers, BPV-begeleiders.

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie: leraar, functies die ondersteuning leveren aan het primaire proces zoals teamleiders en secretaresses, docenten die zijn benoemd in één van de docentenfuncties LB, LC, LD of LE en die tevens een deel BPV-begeleiding uitvoeren worden niet tot deze categorie gerekend.

Instructeur

Onder 14) Instructeur wordt verstaan: medewerkers zonder bevoegdheid die onder verantwoordelijkheid van de docent instructie geeft. Onder instructie geven wordt verstaan het begeleiden van individuele en groepen leerlingen bij het praktijkgedeelte van het onderwijs. Daarnaast beoordelen deze medewerkers onder andere einduitkomsten en onderzoeksresultaten van de door de leerlingen uitgevoerde praktijkopdrachten.

Voorbeelden:

Instructeur

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie:

docenten, (technisch) onderwijsassistent, docentassistent, BPV-begeleiders.

Beheerfuncties (Indirect onderwijsondersteunend personeel)

Onder 16) Beheerfuncties wordt verstaan: medewerkers die activiteiten uitvoeren die indirect ondersteunend zijn aan het primaire onderwijsproces. Dit betreft onder meer medewerkers van centrale afdelingen / diensten Personeel en Organisatie, Financiën, Organisatie, Automatisering, Huisvesting.

Voorbeelden:

medewerker financiën, personeelsadviseur, adviseur huisvesting, applicatiebeheerder, ICT-beheerder, directeur financiën, directeur ICT, directeur HRM, medewerker kantine, medewerker schoonmaak, medewerker beveiliging, concierge, medewerker bedrijfsbureau, medewerker marketing, communicatie.

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie:

roostermaker, medewerker deelnemersadministratie, personeel Innovatie en Onderwijsontwikkeling, personeel Kwaliteitszorg.

Administratieve functies (Direct onderwijsondersteunend personeel)

Onder 17) Administratieve functies wordt verstaan: medewerkers die activiteiten uitvoeren die direct ondersteunend zijn aan het primaire onderwijsproces.

Voorbeelden:

roostermakers, secretariële ondersteuning, medewerker deelnemeradministratie, personeel innovatie / onderwijsontwikkeling, personeel kwaliteitszorg.

De volgende functionarissen vallen niet onder deze functiecategorie:

teamleiders, opleidingsmanagers.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

De gegevens bedoeld in artikel 2.3.6, tweede lid, en artikel 2.5.5, tweede lid, van de WEB zijn op diverse momenten nodig, sommige enkele malen per jaar, andere vaker. De benodigde gegevens moeten door het bevoegd gezag worden geleverd. Voor steeds meer gegevens geldt een verplichte elektronische aanlevering in een bestandsformaat met een vooraf vastgestelde opbouw. Als gevolg hiervan is het van groot belang dat voor alle betrokken partijen bekend is welke gegevens op welke wijze (tijdstip en vorm) beschikbaar moeten worden gesteld. De overheid maakt bij de gegevensverzameling zoveel mogelijk gebruik van het principe van éénmaal bevragen, meer keren gebruiken.

Een groot deel van de gegevens (zoals organisatiegegevens) is reeds geregistreerd in systemen. Deze gegevens hoeven alleen aangepast te worden wanneer zich mutaties voordoen. Daarvoor kan men terecht op de site van DUO, www.ocwduo.nl. Afhankelijk of instellingen zelf gegevensleverancier zijn, worden personeelsgegevens onttrokken aan de schooladministratie of aan registraties bij salarisverwerkers of administratiekantoren. In deze bijlage wordt ingegaan op de termijn voor aanlevering van de personeelsgegevens en de wijze van aanlevering.

De gegevens genoemd in de tabellen 2.1 t/m 2.3 van bijlage 1:

dienen vier maal per jaar volledig en correct aan DUO te worden aangeleverd:

In de te leveren gegevens moeten alle mutaties zijn verwerkt die van toepassing zijn op de situatie in de peilmaand en die gedurende een kalendermaand na de laatste kalenderdag van de peilmaand administratief zijn verwerkt. Gegevens die na deze kalendermaand administratief zijn verwerkt, moeten niet in de gegevenslevering worden verwerkt.

Een deel van de gegevens over een peilmaand wordt in de regel pas enige tijd na het eind van die peilmaand administratief verwerkt. Gegevens die binnen een kalendermaand na afloop van de peilmaand worden verwerkt en van invloed zijn op de situatie in de peilmaand, moeten ook in de gegevenslevering over de peilmaand zijn verwerkt (een maand terugwerkende kracht mutaties). De over de peilmaand januari te leveren gegevens moeten dus de situatie van januari weergeven zoals die op basis van de op 1 maart beschikbare informatie hoort te zijn. Gegevens die later dan een kalendermaand na het einde van de peilmaand beschikbaar komen, worden niet in deze gegevensleveringen verwerkt.

De manier van verwerken van terugwerkende kracht mutaties is vooral van belang voor de levering van de gegevens over loon, toelagen en kortingen. OCW en DUO hanteren hierbij het loon-over-principe. Alle correcties die na afloop van een peilmaand plaatsvinden op de financiële gegevens van die peilmaand moeten verwerkt worden in de te leveren gegevens over de peilmaand.

Het jaarbestand/de jaarbestanden met per kalenderjaar samengevatte gegevens uit de tabellen 2.1 t/m 2.4 van bijlage 1:

dient/dienen één keer per jaar volledig en correct geleverd te worden en wel uiterlijk op 15 maart van het jaar volgend op het peiljaar (het jaar waarop de gegevens betrekking hebben).

De aanlevering van de gegevens in de genoemde onderdelen geschiedt elektronisch. De gegevens uit tabel 2.1 worden aangeleverd bij DUO-Groningen, de gegevens uit de tabellen 2.2, 2.3 en 2.4 worden aangeleverd bij DUO-Zoetermeer. De gegevens, vermeld in de tabellen 2.1, 2.2, 2.3 en 2.4 uit bijlage 1, worden op één van de volgende manieren aangeleverd:

Het bestandsformaat is CSV, waarbij de velden worden gescheiden door een puntkomma. De eerste regel van elk bestand bevat de veldnamen. Tekstvelden worden voorafgegaan en afgesloten door een enkele quote ('). In de gegevensleveringen mogen geen datumvelden voorkomen; data worden geleverd als numerieke velden van het formaat N8 (JJJJMMDD), N6 (JJJJMM) of N4 (JJJJ). Het aantal posities van numerieke velden is opgegeven exclusief de positie van het decimaalteken. Als decimaalteken dient de komma gebruikt te worden. Een veld met de specificatie N5 is een geheel getal met 5 posities (12345); een veld met de specificatie N6,2 is een veld met 8 posities: 6 cijfers voor het decimaalteken en 2 achter het decimaalteken (bijvoorbeeld 123456,78). Er mag geen scheidingsteken tussen duizendtallen worden gebruikt. Waarden van alfanumerieke velden die in paragraaf 2.4 staan genoemd, dienen exact zo worden overgenomen (hoofdletters als hoofdletters, kleine letters als kleine letters). Indien het veld meer posities heeft dan de waarde, dan moet links worden uitgelijnd (wel «LA» of «LA », niet « LA»); het veld mag dus niet worden opgevuld door spaties voor de waarde te plaatsen.

Bovenstaande procedures gelden zowel voor de bestanden over een peilmaand als voor de bestanden over een peiljaar. Indien bij de levering gegevens uit verschillende onderdelen in één bestand worden geleverd, dan worden de koppelvelden (de velden die in elk van de samengevoegde onderdelen worden genoemd) maar één keer opgenomen. De verantwoordelijkheid voor volledigheid, juistheid en tijdigheid van de leveringen berust bij het bevoegd gezag.

Nieuwe gegevens genoemd in tabel 2.4a van bijlage 1 worden maandelijks volledig en correct door het bevoegd gezag aan de Minister aangeleverd.

Gegevens die op grond van artikel 4.4.14, tweede lid, onder b, of artikel 4.4.19, tweede lid, onder c, van de wet en artikel 5.2.8, tweede lid, aan het bevoegd gezag worden verstrekt, betreffen alleen de gegevens die op grond van artikel 4.4.6, eerste lid, onder c, of artikel 4.4.16, eerste lid, van de wet en artikel 5.2.6, eerste of tweede lid, door het bevoegd gezag zijn verstrekt en niet zijn verkregen uit de basisregistratie personen.

Op de wijze van aanlevering van gegevens genoemd in tabel 2.4a van bijlage 1 is paragraaf 2 van deze bijlage van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat gegevens niet op cd-rom worden aangeleverd.

Gegevens die een docent op grond van artikel 4.4.7, derde lid, van de wet verstrekt, worden door de betreffende docent aan de Minister verstrekt, waarbij hij het bewijsstuk als bedoeld in artikel 4.2.1, tweede lid, onder b, of voor zover hij in bezit is van een getuigschrift als bedoeld in artikel 7a.4 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, onder c, digitaal aanlevert in de vorm van een gewaarmerkte kopie.

Vervallen

Vervallen