Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 31 augustus 1999, houdende vaststelling van regels met betrekking tot cockpitpersoneel en luchtverkeersdienstverleningspersoneel van de krijgsmacht (Besluit cockpitpersoneel en luchtverkeersdienstverleningspersoneel krijgsmacht)Besluit cockpitpersoneel en luchtverkeersdienstverleningspersoneel krijgsmachtWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Defensie van 18 november 1998, nr. C96/255, directie juridische zaken, afdeling wet- en regelgeving, gedaan in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;

Gelet op de artikelen 1.2, tweede lid, 10.1, tweede lid, en 10.2, eerste lid, van de Wet luchtvaart;

De Raad van State gehoord (advies van 8 februari 1999, no.W07.98.0537);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Defensie van 26 augustus 1999, nr. C96/255, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage31 augustus 1999Beatrix De Staatssecretaris van Defensie,H. A. L. van Hoofde eenentwintigste september 1999De Minister van Justitie,A. H. Korthals

Cockpitpersoneel wordt onderscheiden in:

Cockpitpersoneel voldoet aan de voor de betrokken functie bij regeling van Onze Minister van Defensie vastgestelde eisen inzake theoretische en praktische bekwaamheid.

Luchtverkeersdienstverleningspersoneel van de krijgsmacht kan worden belast met het geven van een of meer van de volgende vormen van luchtverkeersleiding:

Personeel dat is belast met een of meer van de in artikel 3 genoemde vormen van luchtverkeersleiding, voldoet aan de daarvoor bij regeling van Onze Minister van Defensie vastgestelde eisen inzake theoretische en praktische bekwaamheid.

Artikel 10.1, tweede lid, van de Wet luchtvaart is niet van toepassing op buitenlands cockpitpersoneel, belast met het bedienen van buitenlandse militaire luchtvaartuigen, mits dat voldoet aan de door de desbetreffende buitenlandse militaire autoriteiten terzake gestelde eisen.

Artikel 10.1, tweede lid, van de Wet luchtvaart is niet van toepassing op buitenlands militair cockpitpersoneel, behorende tot de krijgsmacht van een Staat, aangesloten bij de Noord Atlantische Verdragsorganisatie, dan wel tot de krijgsmacht van een Staat waarmee anderszins samenwerkingsverbanden zijn gesloten, voorzover in dat kader overeengekomen is dat zij Nederlandse militaire luchtvaartuigen bedienen, mits genoemd personeel door de bevoegde autoriteiten van de Staat van herkomst:

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 oktober 1999.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit cockpitpersoneel en luchtverkeersdienstverleningspersoneel krijgsmacht.