Ministeriële regeling · BWBR0010715

Vrijstellingsregeling grondverzet

Wijzigingen Officiële bron
Vrijstellingsregeling grondverzet Vrijstellingsregeling grondverzetDe Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur-beheer en Visserij;

Gelet op artikel 64 van de Wet bodembescherming;

Besluit:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage10 september 1999De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,J. Pronk

Van de volgende artikelen van het Besluit wordt vrijstelling verleend voor het gebruik van licht verontreinigde grond in een grondwerk voor zover dit gebruik plaats vindt in een gebied waarvoor een bodemkwaliteitskaart overeenkomstig het gestelde in artikel 5 is opgesteld en voldaan is aan artikel 3:

Aan de in artikel 2 bedoelde vrijstelling zijn de volgende voorwaarden verbonden:

In afwijking van artikel 9 van het Besluit kan de bodemkwaliteitskaart gebruikt worden voor het vaststellen van de kwaliteit van de te gebruiken grond indien die grond na afgraving zonder verdere bewerkingen, het uitzeven van grove bestanddelen daargelaten, in een grondwerk wordt toegepast.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 1999 en werkt terug tot en met 1 juli 1999.

Deze regeling wordt aangehaald als: Vrijstellingsregeling grondverzet.