Wijzigingen Officiële bron
Zuivelverordening 2000, Uitbetaling van boerderijmelk naar kwaliteit, samenstelling en gewichtZuivelverordening 2000, Uitbetaling van boerderijmelk naar kwaliteit, samenstelling en gewicht

Het bestuur van het Productschap Zuivel heeft, gelet op de artikelen 93, 95, 102 en 104 van de Wet op de bedrijfsorganisatie alsmede op artikel 5, lid 1, van de Instellingsverordening Produktschap Zuivel, in de vergadering van 15 september 1999 de navolgende verordening vastgesteld.

Voor het bestuur,G. van denBergvoorzitterF.Beekmansecretaris

Goedgekeurd door de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij bij beschikking nr. TRCJZ/1999/11992 van 14 december 1999 en door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 22 december 1999.

In deze verordening wordt verstaan onder:

De ontvanger van boerderijmelk ontvangt alleen boerderijmelk die in een melkkoeltank is bewaard.

De melkveehouder verleent alle medewerking aan de bemonstering van de boerderijmelk.

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Vervallen

Ter bepaling van de samenstelling wordt elk monster als bedoeld in artikel 4, lid 1, onderzocht op vetgehalte en eiwitgehalte conform het in dit hoofdstuk bepaalde.

Per melkveehouder wordt per uitbetalingsperiode door de ontvanger van boerderijmelk op basis van de in die periode verkregen vetgehalten en eiwitgehalten en de daarbij behorende kilogrammen boerderijmelk het gewogen gemiddelde vetgehalte en eiwitgehalte berekend.

De ontvanger van boerderijmelk berekent per melkveehouder en per uitbetalingsperiode het totale gewicht van de geleverde boerderijmelk.

Aan de erkenning van een melkcontrolestation wordt de voorwaarde verbonden dat deze instelling de in de artikelen 20 tot en met 23 omschreven bepalingen in acht neemt.

De uitslagen van het onderzoek worden vastgelegd op een voor het COKZ toegankelijke en overzichtelijke wijze. De uitslagen worden gedurende ten minste een jaar bewaard.

(vervallen)

De erkenning van het melkcontrolestation kan worden ingetrokken, indien niet aan de in de artikelen 20 tot en met 23 gestelde voorwaarden wordt voldaan.

Vervallen

De ontvanger van boerderijmelk verleent het COKZ alle medewerking bij de uitoefening van het toezicht.

Het bij of krachtens deze verordening bepaalde is bindend voor de in artikel 102, lid 1, van de wet bedoelde natuurlijke en rechtspersonen alsmede voor de in artikel 102, lid 2 van de wet bedoelde natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die bedrijfsmatig plegen te worden verricht in de ondernemingen, bedoeld in artikel 102, lid 1, van de wet.

De Landbouwkwaliteitsverordening 1994, Uitbetaling van boerderijmelk naar kwaliteit en de Zuivelverordening 1994, Uitbetaling van boerderijmelk naar samenstelling en gewicht worden ingetrokken, met dien verstande dat :

van kracht blijven tot de datum van inwerkingtreding van de desbetreffende krachtens deze verordening vastgestelde uitvoeringsregelingen. Bovenvermelde uitvoeringsregelingen berusten na de inwerkingtreding van deze verordening op respectievelijk artikel 14, lid 1, artikel 6, lid 1, artikel 8, lid 3 en artikel 9, lid 1, en artikel 8, lid 5, van deze verordening.