Ministeriële regeling · BWBR0011085

Regeling opnemen vertrouwelijke communicatie politie

Wijzigingen Officiële bron
Regeling opnemen vertrouwelijke communicatie politieRegeling opnemen vertrouwelijke communicatie politieDe Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Justitie;

Gelet op artikel 12 van het Besluit beheer regionale politiekorpsen;

Besluiten:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, A.PeperDe Minister van Justitie, A.H.Korthals

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. betreden van een besloten plaats:

het zonder toestemming van de rechthebbende toegang verschaffen tot en afsluiten van een besloten plaats, op zodanige wijze dat dit voor de rechthebbende of andere gebruikers van de plaats niet kenbaar is;

b.plaatsen van een technisch hulpmiddel:

het aanbrengen, instellen en verwijderen van een technisch hulpmiddel;

c.bedienen van een technisch hulpmiddel:

het bedienen van de opslagapparatuur, voorzover daarbij geen sprake is van het betreden van besloten plaatsen.

Met uitzondering van het betreden van een besloten plaats en het aldaar plaatsen van een technisch hulpmiddel voor het opnemen van vertrouwelijke communicatie, kan een opsporingsambtenaar als bedoeld in artikel 141, onderdeel b, van het Wetboek van Strafvordering worden belast met het plaatsen van een technisch hulpmiddel voor het opnemen van vertrouwelijke communicatie, indien hij beschikt over:

Een ambtenaar van politie kan worden belast met het bedienen van een technisch hulpmiddel voor het opnemen van vertrouwelijke communicatie, indien hij beschikt over kennis van:

De Politieacademie beoordeelt of de ambtenaar van politie beschikt over de kennis en vaardigheden, bedoeld in artikel 2 en artikel 3. Bij positieve beoordeling geeft hij daarvan een verklaring af.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 februari 2000.

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling opnemen vertrouwelijke communicatie politie.