Ministeriële regeling · BWBR0011685

Regeling criminele inlichtingen eenheden

Wijzigingen Officiële bron
Regeling criminele inlichtingen eenhedenRegeling criminele inlichtingen eenhedenDe Ministers van Justitie, van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Defensie;

Gezien het advies van de Registratiekamer;

Gelet op de artikelen 38b, 46 en 48 van de Politiewet 1993 en de artikelen 2, 4, 5, 5a en 5b van het Besluit beheer regionale politiekorpsen;

Besluiten:

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Justitie, A.H.KorthalsDe Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,K.G. deVriesDe Minister van Defensie, F.H.G. deGrave

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.criminele inlichtingeneenheid:

de eenheid bij de regionale politiekorpsen, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het Besluit beheer regionale politiekorpsen alsmede de eenheid bij het Korps landelijke politiediensten, bij de bijzondere ambtenaren van politie (rijksrecherche) en bij de Koninklijke marechaussee, belast met de taak, bedoeld in artikel 2;

b.nationale criminele inlichtingen eenheid:

de eenheid bij de divisie Centrale Recherche Informatie van het Korps landelijke diensten als bedoeld in artikel 8;

c.Ministers:

de Ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gezamenlijk;

d.informantgegevens:

gegevens omtrent een persoon, bedoeld in artikel 12, zevende lid, van de Wet politiegegevens;

e.criminele inlichtingen:

gegevens, die in aanmerking komen voor verwerking op grond van artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens;

f.verantwoordelijke:

de verantwoordelijke, bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van de Wet politiegegevens;

g.CIE-officier van justitie:

de als zodanig aangewezen officier van justitie, verantwoordelijk voor de taakuitoefening van de CIE.

Criminele inlichtingen eenheden zijn belast met de informatievoorziening in het kader van de uitvoering van de politietaak, voorzover het betreft misdrijven artikel 10, eerste lid, onderdeel a, van de Wet politiegegevens.

Criminele inlichtingen eenheden verwerken informantgegevens overeenkomstig het bepaalde in artikel 12 van de Wet politiegegevens, onder gelijktijdige codetoekenning. Informantgegevens kunnen slechts worden verwerkt met het oog op de doeleinden, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Wet politiegegevens.

De verantwoordelijke draagt ervoor zorg dat onbevoegde kennisneming van criminele inlichtingen en informantgegevens niet kan plaatsvinden. In dat kader ziet de verantwoordelijke erop toe dat:

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling criminele inlichtingen eenheden.