U bekijkt een oudere versie van dit document, geldig op 01-02-2008.

Regeling · BWBR0012158

Besluit tenuitvoerlegging taakstraffen

Wijzigingen Officiële bron
Besluit van 15 januari 2001, houdende vaststelling van de voorschriften voor de tenuitvoerlegging van taakstraffen (Besluit tenuitvoerlegging taakstraffen)Besluit tenuitvoerlegging taakstraffenWij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Justitie van 19 oktober 2000, nr. 5057030/00/6;

Gelet op de artikelen 22e, 22k en 77ff, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht;

De Raad van State gehoord (advies van 22 december 2000, nr. WO300.0488/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 8 januari 2001, nr. 5073409/01/6;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage15 januari 2001BeatrixDe Minister van Justitie,A. H. Korthalsde vijfentwintigste januari 2001De Minister van Justitie,A. H. Korthals

In dit besluit wordt verstaan onder:

Onverminderd de taken en bevoegdheden van het openbaar ministerie ten aanzien van de tenuitvoerlegging van de taakstraf zijn de reclassering en de raad belast met de zorg voor het aanbod van projectplaatsen.

Projectplaatsen voor het verrichten van een werkstraf voldoen aan de volgende voorwaarden:

Projecten voor het verrichten van arbeid tot herstel van de door het strafbare feit aangerichte schade, als bedoeld in artikel 77h, tweede lid, onderdeel a, van de wet, voldoen aan de volgende voorwaarden:

Nadat de taakstraf is verricht stuurt de uitvoerder taakstraffen zo spoedig mogelijk een afloopbericht aan het openbaar ministerie.

De uitvoerder taakstraffen oefent toezicht uit op de verrichtingen van de taakgestrafte en de omstandigheden waaronder deze plaatsvinden. Het toezicht omvat ook de veiligheid, de gezondheid en arbeidsomstandigheden op de projectplaats en de redelijkheid van de opgedragen werkzaamheden of opgelegde verplichtingen.

Bijzondere gevallen, als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, kunnen zijn: onvoldoende beschikbaarheid van werk, een onoplosbaar conflict op de projectplaats, ongeschiktheid van de taakgestrafte voor het werk of het niet aansluiten van verplichtingen bij de specifieke omstandigheden van de taakgestrafte.

De uitvoerder taakstraffen geeft ten hoogste eenmaal een waarschuwing aan de taakgestrafte wegens het niet naar behoren verrichten van de taakstraf.

De taakgestrafte kan door de uitvoerder taakstraffen worden opgedragen, voordat het verrichten van de taakstraf aanvangt, zich door een door de uitvoerder taakstraffen aan te wijzen keuringsarts medisch te laten keuren, indien de werkzaamheden dit vereisen, de taakgestrafte medische klachten heeft of arbeidsongeschikt is.

De taakgestrafte geeft veranderingen in de woon- of werksituatie onmiddellijk door aan de uitvoerder taakstraffen.

De taakgestrafte kan tegen een gedraging van een uitvoerder taakstraffen werkzaam bij de reclassering een klacht indienen bij de klachtencommissie bedoeld in artikel 29 van de Reclasseringsregeling 1995. Hoofdstuk 5 van de Reclasseringsregeling 1995 is van toepassing.

De jeugdige taakgestrafte kan tegen een gedraging van een uitvoerder taakstraffen, werkzaam bij de raad, een klacht indienen bij de directeur, bedoeld in artikel 1 van het Besluit klachtbehandeling raad voor de kinderbescherming. Het Besluit klachtbehandeling raad voor de kinderbescherming is van toepassing.

De reclassering en de raad leggen in elk arrondissement ten minste eenmaal per jaar verantwoording aan het openbaar ministerie af over het gevoerde beleid inzake de tenuitvoerlegging van taakstraffen, waaronder de begeleiding, het toezicht, de genomen beslissingen en de afhandeling van klachten.

Wijzigt de Reclasseringsregeling 1995.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit tenuitvoerlegging taakstraffen.